Lees hier ons Privacy Statement en Cookie Statement
vrijdag 22 juni

Hoofdartikelmaandag, 14 januari 2013

Bezuinigen ja, maar niet ten koste van alles
Het is niet helemaal waar, maar bijna wel: met Griekenland gaat het een stuk beter. Een paar voorbeelden: voor het eerst sinds jaren is de export van Griekenland hoger dan de import. En het begrotingstekort valt een paar honderd miljoen mee, als effect van bezuinigingen en hervormingen.
De ontwikkelingen in hun land zijn hoopgevend, vinden de Grieken. De politieke barometers wijzen op voorzichtig herstel van vertrouwen in de regering. Het is niet te verwachten dat het herstel doorzet als een rechte lijn omhoog. Daarvoor zijn er te veel negatieve omstandigheden. Bijvoorbeeld de toename van het aantal werklozen, vooral ambtenaren, als straks de hervormingsplannen worden uitgevoerd. Bovendien kan de kwetsbaarheid van het herstel zich laten gelden: internationale economische ontwikkelingen kunnen zware effecten hebben op aarzelende economieën. En wat te denken als de kapitaalmarkt weer hogere tarieven vraagt voor leningen aan Griekenland?
De komende maanden zal blijken of de kwetsbare Griekse economie is opgewassen tegen allerlei binnenlandse, vooral politieke ontwikkelingen. De turbulentie in de politieke verhoudingen, de woede onder de bevolking en de doffe berusting zorgen er voor dat niemand kan voorspellen of het voorzichtige herstel op onderdelen zal doorzetten of ten onder zal gaan in de turbulentie van politiek en samenleving.
Nederland is niet te vergelijken met Griekenland. Nederland staat er een stuk beter voor. Kijk alleen maar naar de werkloosheidscijfers. Die is in Griekenland ruim vier keer zo hoog. In vrijwel alle sectoren van de economie staat ons land er beter voor.
Maar er is minstens één ding gelijk: het belang van de factor van het vertrouwen. In Nederland is het vertrouwen in de economie als een baksteen naar beneden gevallen. Mensen worden onzeker van de alarmerende cijfers van faillissementen en vrijwillige bedrijfssluitingen. En de klaarblijkelijk ongecoördineerde uitingen van ministers over komende bezuinigingen doen al veel kwaad voordat de burger die bezuinigingen in de portemonnee voelt.
Economie is emotie. Die bepaalt of iemand geld opzij zet of er iets mee doet. Ons land heeft een spaarsaldo van dertig miljard euro. Het grootste deel daarvan is opzij gezet uit pure angst. Het consumentenvertrouwen kan de Nederlandse economie niet redden - ons land moet het vooral hebben van (doorvoer)handel en export - maar dat vertrouwen kan wel degelijk helpen om de motor van de economie weer aan de gang te krijgen.
Precies op dat punt lijkt de regering onmachtig. Niemand in de ministersploeg heeft het charisma om enerzijds klaar en helder ter zeggen waar het op staat en anderzijds bemoedigende en stimulerende verhalen te houden.
Dat tekort komt naast het gebrek aan visie ten aanzien van de gevaren van alsmaar bezuinigen. De Nederlandse economie kan, anders dan de Griekse, veel meer hebben omdat ze veel robuuster is en een stevige basis heeft. De noodzaak van een rigide begrotingspolitiek is in ons land dan ook veel kleiner dan in Griekenland.
Het wordt tijd dat de ruimte die de Nederlandse economie biedt, wordt benut. Ofwel: bezuinigen moet, maar niet ten koste van alles.

Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties