|
Home Regio Geloof & Kerk Opinie Economie Sport Cultuur Dossiers — populisme en de kerk — De Nieuwe Bijbelvertaling Kerkdiensten
|
Geweld als correctie schiet altijd tekort
Utrecht - De vierde Utrechtse Studiedag was vrijdag gewijd aan het thema ‘Geloof en geweld’. Een actuele kwestie, omdat religie te pas en te onpas verbonden wordt met geweld en machtsvertoon. Hoe moeten we daarmee omgaan? Dr. Mient Jan Faber en dr. Henri Veldhuis gingen op deze vragen in.
TJERK DE REUS
Zo’n tachtig theologen waren vrijdag bijeen in de Utrechtse Jacobikerk om zich te laten inspireren door de klassieke christelijke theologie. De afgelopen jaren stonden karakteristieke theologische thema’s centraal, zoals de betekenis van de menswording van Jezus of het persoon-zijn van God. Dit jaar was gekozen voor een thema dat rechtstreeks verbonden is met de actualiteit, hoewel het zich natuurlijk ook in theologische termen laat doordenken. In het Midden-Oosten bestrijden landen en volkeren elkaar, zowel in de naam van de islam als in de naam van het christendom. Dat roept vragen op die theologen maar ook gemeenteleden direct raken. Hoe moet je omgaan met bijbelpassages die aansporen tot wraakzucht of geweld? Een grenzeloos pacifisme lijkt geen optie, maar hoe zit het dan met de evangelische oproep om geen geweld te gebruiken, maar ‘de andere wang toe te keren’?
Nadrukkelijk wil men tijdens de Utrechtse Studiedagen de zogenoemde klassieke christelijke theologie aan de orde laten komen. De thema’s die centraal staan tijdens de studiedagen, worden tegen deze achtergrond in beeld gebracht. Het gaat dan om de geloofstraditie vanaf Augustinus (vierde eeuw) tot en met Anselmus (elfde eeuw) en Duns Scotus (veertiende eeuw). Kenmerkend voor deze klassieke theologie is volgens de initiatiefnemers een ‘spiritueel en kerkelijk engagement’ en ‘een rationele verantwoording die volop openstaat voor regulier wetenschappelijk denken’.
Prof. dr. Mient Jan Faber verving vrijdag minister Donner, die wegens verplichtingen moest afhaken. In zijn betoog ging Faber in op de bezinning over oorlog en vrede door de eeuwen heen. In de Middeleeuwen werd veel nagedacht over dit thema. Kenmerkend was de gedachte dat er een natuurlijke wet in de mensheid aanwezig zou zijn, waarvan iedereen de waarheid en het nut zou kunnen inzien. Die universele wet behelsde de overtuiging dat vrede de oertoestand van de mensheid is.
Uitzondering
Oorlog is een uitzondering. Hierin werd de middeleeuwse kerk gevoed door Griekse en Romeinse denkbeelden over recht en onrecht, vrede en oorlog. Middeleeuwers kwamen tot de slotsom dat oorlog gerechtvaardigd was, wanneer je er kwaad mee kon bestrijden. Kwaad is immers een inbreuk op de ingeschapen vredige ordening van de wereld. Men ging zelfs zover, te stellen dat je oorlog moest voeren ‘uit liefde’: met het doel mensen die zich op de dwaalweg van het kwaad bevinden tot de orde te roepen.
Na de Middeleeuwen betreedt Hugo de Groot het toneel, met zijn bekende ‘Over het recht op oorlog en vrede’. Hij heeft een zakelijker benadering van de vraag naar gerechtvaardigd geweld. Hij denkt vooral na over oorlog en vrede tussen naties. De Groot is een tussenfiguur, constateerde Faber. Na hem wordt Thomas Hobbes de bepalende denker, die de natuurwet van vrede compleet ontkent. De natuurlijke staat van de mensheid is oorlog, stelde Hobbes er tegenover. De mens heeft in dit licht een recht op zelfbehoud, waaruit een recht op oorlog en geweld kan worden afgeleid.
In de negentiende en twintigste eeuw ontstond volgens Faber een zakelijke kijk op oorlog: het was ‘gewoon’ een instrument van de buitenlandse politiek van een natie. Dat culmineerde in de Eerste Wereldoorlog. Daarna komt een ander denken over oorlog en vrede in zwang, vooral na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog. De Verenigde Naties stellen regels op: in welke uiterste gevallen is oorlogsgeweld toegestaan?
Volgens Mient Jan Faber is de geschiedenis zo min of meer weer teruggekeerd bij de opvattingen die aan het begin van onze jaartelling (en daarvoor) golden: de Griekse, Romeinse en christelijke nadruk op oorlog als noodzakelijk kwaad.
De islam kwam ook ter sprake in Fabers betoog. Is geweld inherent aan de islam? Faber meent van wel: de gemeenschap van moslims is principieel een ‘huis van vrede’; wat zich daarbuiten bevindt, is het ‘huis van de oorlog’. Hoewel islamitische staten op een pragmatische manier hiermee kunnen omgaan en het bestaan van niet-moslim staten kunnen accepteren, is er toch de overtuiging dat het ‘huis van de vrede’ uiteindelijk de rest van de mensheid zal overwinnen. ,,Je kunt je afvragen of het christendom niet iets soortgelijks voorstaat”, zei Faber.
Verzoening
Dr. Veldhuis stelde in zijn lezing de christelijke gedachte van de verzoening centraal. Geweld om een ander te corrigeren schiet altijd tekort. Alleen verzoening brengt mensen of vijandige staten bij elkaar.
In brede kringen van kerk en theologie ziet dr. Veldhuis de relatie tussen God en geweld afnemen of helemaal verdwijnen. Dat is in zoverre juist, dat het recht doet aan de notie van de geweldloosheid van het christendom: niemand mag onder dwang tot aanvaarding van het christelijk geloof worden gebracht. Maar wanneer geweld helemaal uit beeld verdwijnt, dan verandert ook het godsbeeld: ,,Dan is Hij alleen nog een God van lijdende liefde, tot het einde toe een slachtoffer en een kruisdrager’’, constateerde Veldhuis.
God oefent geweld uit, wraak en straf bijvoorbeeld, maar we mogen dat niet aanwijzen in bijvoorbeeld natuurrampen. Wel valt te denken aan de ellende die mensen over zichzelf afroepen als ze Gods morele orde niet respecteren of op onverantwoorde wijze omgaan met bijvoorbeeld natuur en milieu. Maar een slag om de arm blijft nodig, vond Veldhuis, omdat het uiteindelijke inzicht ons ontbreekt. Het oriëntatiepunt blijft de radicale verzoening, zoals zichtbaar in de komst van Jezus Christus. Dat is het ijkpunt voor ons handelen.
Cahier
Ter gelegenheid van de studiedag in Utrecht verscheen het cahier Wie het zwaard opneemt, waarin op toegankelijke wijze, in acht korte hoofdstukken, aspecten van geloof en geweld aan de orde komen. Het doel van dit cahier is het gesprek op gang te brengen op het grondvalk van de kerken.
N.a.v. ‘Wie het zwaard opneemt. Klassiek theologisch licht op een vreeswekkend thema’; Utrechtse Cahiers 2; onder redactie van Arjan Plaisier e.a.; Uitgeverij Boekencentrum; 56 blz; prijs: 7,50 euro.
.
Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0 Reacties:
|
Advertenties
|