De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
donderdag 24 mei

Geloof & Kerkvrijdag, 4 juli 2003

Hoofdaalmoezenier Van Welzenes: dienstbaar aan de binnenvaart
‘Ik heb geen product maar een boodschap’
Nijmegen - Bernhard van Welzenes (25 mei 1941) is een druk bezet man. Vanaf 1969 is hij actief in het Katholiek Sociaal Cultureel Centrum (KSCC) - ‘het Schipperscentrum’ - in Nijmegen, directeur en tevens, sinds 1990, hoofdaalmoe-zenier in ons land. ,,Het gaat erom bruggen te slaan. Als je voor de ander klaar staat, dan staan ze ook voor jou klaar.’’ Een gesprek over zijn werk en leven in de binnenvaart.
JACQUES KRAAIJEVELD
Van Welzenes groeide op in een groot gezin. ,,Mijn ouders hadden twaalf kinderen, of eigenlijk dertien, een is er al snel overleden. Ik ben daarvan precies de middelste. Wat ze ons behalve feesten nog meer hebben geleerd is: delen en elkaar verdragen. Met verschillen leren omgaan ook. Toen ik mijn moeder vertelde dat ik priester wilde worden, vond ze dat maar zozo. Mijn vader vond het daarentegen wel fijn, hij zal er ook wel voor gebeden hebben. Ik ben bij de orde van de Salesianen terechtgekomen. Ze gingen goed om met je zwakke kanten. Dat heeft me aangesproken. Je zegt van dit ambt niet, tenminste ik niet: ‘Nou word ik het of nou ben ik het’. Je groeit er in.’’
Dat hij bij de schippers is terechtgekomen, beschouwt hij als louter genade. ,,Geen toeval. Ik kreeg een klaplong in mijn gymnasiumtijd. Dat heeft me een jaar gekost. Het is wel bepalend geweest voor het feit dat ik nu in de binnenvaart zit. Als ik niet ziek was geworden, dan was ik in het buitenland gaan studeren. Het is anders gelopen. Ik ben in Nederland gebleven. Ik ben les gaan geven en ik was ook groepsleider op een internaat in Rotterdam. Daar heb ik toen al veel schipperskinderen leren kennen.’’
In 1969 koos Van Welzenes opnieuw voor studeren. ,,Dat was een grote verandering, ik moest van 35 gulden in de week rondkomen. Ik woonde in het klooster van de paters van het Heilig Hart. Pater Cor van Bemmelen die schippersaalmoezenier was, vroeg of ik zijn taak wilde overnemen. Ik zei meteen volmondig ‘ja’, en hij viel bijna van zijn stoel. Hij had het namelijk al aan verschillende anderen gevraagd en telkens hadden ze voldoende redenen om er niet op in te gaan.’’

Boodschap

,,Ik heb er geen economisch belang bij wat hier gebeurt. Ik heb geen product maar een boodschap. En daarbij interesseert het me niet of de mensen, met wie ik te maken krijg, naar de kerk gaan of niet. Het is goed om bij een gemeenschap te horen. Ik wil contact met de mensen. Soms moet je ze wel doorsluizen naar allerlei maatschappelijke instanties die daar beter voor toegerust zijn. En als het gaat om deskundigheid op andere terreinen dan huur ik dat in, maar de geestelijke vorming probeer ik zelf te regelen. Als ik opnieuw zou kunnen kiezen, dan zou ik hetzelfde gaan doen. Veel mensen dromen van andere dingen, maar als puntje bij paaltje komt dan kiezen ze toch veelal weer voor hun eigen bestaan.’’

Eigen rijkdom

,,Hoe het hier in de toekomst zal zijn? Je moet je blijven realiseren wat je eigen rijkdom is. Dat geldt voor zowel de mensen van het protestantse als van het katholieke geloof. Ga dat niet mixen. Een kerkorganisatie blijft essentieel. Je moet de symboliek de plek blijven geven die ze verdient. En verder zal er heel veel vanuit de basis, door vrijwilligers, moeten gebeuren. In de vorige eeuw waren we verwend met zo veel pastoors en dominees. Nu moeten wij de verantwoordelijkheid overdragen. Je moet de mensen laten groeien en ze voor en door laten gaan met hun kwaliteiten. Samen kunnen we meer dan we zelf beseffen.’’
De diaconie blijft en wordt heel belangrijk, meent hij. ,,De kerk behoudt een functie voor de gemeenschap. God geeft ons nieuwe kansen als mens onder de mensen. Mens onder de mensen, dat was de tekst bij mijn wijding in het priesterschap. En wat me thuis en tijdens mijn opleiding is duidelijk gemaakt: ‘Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg’. En dat je niet bang hoeft te zijn, ook al krijg je de opdracht naar het diepe te varen. In het fotoboek ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum staat het anders. Mijn lijfspreuk zou kunnen zijn: ‘Wij zijn altijd met zijn drieën: jij, ik en God’.’’

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

Geloof & Kerk
Familieberichten
Advertenties