De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
maandag 21 mei

Hoofdartikeldonderdag, 19 april 2018

Niet ‘kwestie’, maar genocide herdenken
Staatssecretaris Menno Snel van Financiën gaat dinsdag naar de herdenking van de Armeense genocide in Armenië. De Tweede Kamer erkende twee maanden geleden de volkerenmoord van 1915 toen in het Ottomaanse Rijk honderdduizenden Armeniërs werden vermoord. Het parlement vroeg het kabinet bij de aanvaarding van de Armenië-resolutie ook om een kabinetslid naar de herdenking in Jerevan te sturen. Het kabinet ging hiermee akkoord maar benadrukte dat het daarmee niet uitspreekt dat het genocide was.
Het kabinet erkent de genocide niet officieel en blijft spreken over de ‘kwestie van de Armeense genocide’ om Turkije, de opvolger van het Ottomaanse Rijk, niet voor het hoofd te stoten. De Armeniërs zullen het Menno Snel dinsdag in Armenië waarschijnlijk niet in dank afnemen dat hij de ‘kwestie van de Armeense genocide’ komt herdenken en niet de genocide zelf. De Armeniërs vinden dat als wordt gesproken over de ‘kwestie’ hun leed niet wordt erkend en dat vooral rekening wordt gehouden met Turkije dat de genocide ontkent.
De omzichtige manier waarop het kabinet over de Armeense genocide blijft spreken heeft niets te maken met de vraag of de genocide heeft plaatsgevonden - daar zijn historici het al lang over eens - maar het is natuurlijk puur politiek. Het kabinet wil de spanningen met Turkije niet verder op de spits drijven. Daar valt iets voor te zeggen. Het strategisch gelegen Turkije is een belangrijke partner voor Europa en cruciaal voor de uitvoering van de vluchtelingendeal.
Toch is het van belang dat het kabinet, net als bijvoorbeeld Duitsland, ondubbelzinnig erkent dat de genocide heeft plaatsgevonden. En niet alleen omdat Nederland als gastland van het Internationaal Strafhof een zware verplichting heeft toe te zien op de naleving van het internationale recht. Er is nog een zwaarwegender argument. Als een dergelijke gruweldaad niet wordt erkend, bestaat het gevaar dat in de toekomst weer een dergelijke volkerenmoord plaatsvindt. Was het niet Adolf Hitler die zijn generaals aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog geruststelde met de woorden: 'Wie heeft het vandaag de dag nog over de vernietiging van de Armeniërs.’ Met andere woorden: van erkenning gaat een afschrikwekkende werking uit.
En met het niet innemen van een standpunt, zoals het kabinet doet, krijgen juist de daders hun zin die niet alleen het fysieke bestaan van een groep wilden uitwissen, maar ook elke herinnering aan hun eigen misdaden. Stel dat de Duitsers de Holocaust zouden afdoen als een ‘kwestie’ die voor meerdere interpretaties vatbaar is?
Met het spreken over een ‘kwestie’ beoogt het kabinet een neutrale positie in nemen. Maar het is een politieke daad die ruimte biedt aan ontkenning waarmee dus feitelijk de kant van Turkije wordt gekozen. NvdM

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties