De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
dinsdag 21 november

Hoofdartikeldonderdag, 2 november 2017

Fosfaatuitspraak treft grondgebonden boer
De uitspraak van het gerechtshof in Den Haag is als een mokerslag aangekomen bij vele honderden melkveehouders die grondgebonden werken, onomkeerbare investeringen hebben gedaan vóór 2 juli 2015 en na die datum zijn gegroeid: zij moeten tóch hun veestapel inkrimpen. In een eerder vonnis oordeelde de rechtbank nog dat ze waren vrijgesteld van het fosfaatreductieplan. Die reductie is nodig omdat de veehouderijen gezamenlijk, na het einde van de melkquotering in april 2015, meer waren gegroeid en meer mest en dus meer fosfaat produceerden dan met Brussel was afgesproken.
In de landbouw moeten aan- en afvoer van grondstoffen in evenwicht zijn. Anders ontstaan mest-overschotten of tekorten aan nutriënten. Gewassen kunnen alleen goed groeien wanneer er voldoende meststoffen aanwezig zijn. Een teveel aan mest leidt tot uitspoeling en tot ongewenste effecten op het milieu. Een balans in mestproductie én -gebruik is dus nodig voor het voortbestaan van de landbouw.
Die balans is de afgelopen jaren flink verstoord. Het vorige kabinet liet toe dat boerenbedrijven na de afschaffing van de melkquotering flink groeiden, terwijl bekend was dat er een fosfaatplafond zat aan te komen. Vele hebben hun veestapel flink uitgebreid. Zowel bedrijven die niet genoeg grond bezitten om er de eigen mest op kwijt te kunnen - voor de afvoer naar andere boeren moet worden betaald - als ook bedrijven die wel voldoende grond bezitten. Een deel van de boeren heeft zelfs eerst in grondaankoop geïnvesteerd om voldoende basis te hebben voor een groei van de veestapel.
Het was de wens van de vorige staatssecretaris voor Landbouw dat boeren voldoende grond bezaten. Deze wens is door het vorige kabinet echter veel te laat in beleid en in regels gegoten. De totale mestproductie van boeren was al zo sterk toegenomen dat het met Brussel afgesproken fosfaatplafond na één jaar flink werd overschreden.
Nu heeft het hof beslist dat alle veehouderijen die na 2 juli 2015 zijn gegroeid - ook al hebben ze voldoende grond om de eigen mest op kwijt te kunnen - terug moeten naar de hoeveelheid vee van 2 juli 2015. En dat vinden ze zuur.
Het enige positieve lijkt nu te zijn dat de zo gewenste derogatie kan worden behouden. Nederlandse melkveehouders hebben in Europa een uitzonderingspositie voor de mestgift omdat het gras hier dankzij het klimaat veel beter en langer kan groeien. Er kan dus meer mest worden uitgereden met minder kans op uitspoeling.
Nu het hof heeft beslist dat ook de eerder vrijgestelde boeren terug moeten naar het peilgetal, komt de Nederlandse fosfaatproductie eind dit jaar zeer waarschijnlijk onder het plafond en is de kans groot dat de uitzonderingspositie voor volgend jaar behouden blijft. Het is een schrale troost voor de grondgebonden boeren die dachten goed bezig te zijn, maar ook moeten inkrimpen wanneer ze zijn gegroeid.
Het hof heeft deze week gesteld dat de politiek moet bepalen of biologische boeren een aparte positie verdienen. Of het grondgebonden of biologisch werken ook door het nieuwe kabinet wordt omarmd, is nog niet duidelijk. Mocht dit wel zo zijn dan moet dit sneller in wetgeving worden gegoten dan het vorige kabinet heeft gedaan. ST

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties