De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
woensdag 22 november

Economiezaterdag, 21 oktober 2017

Scherjons breiden klompenmakerij uit met fierljepmuseum en -schans
Noardburgum - Twee jeugdschansen, een grote schans en een expositieruimte. Achter de klompenmakerij en het klompenmuseum van de familie Scherjon wordt heel wat grond verzet om een zogenoemde fierljeppolder in te richten. Het met hout omlijste gebouw voor de vaste expositie over fierljeppen is reeds af.
,,We verbreden ons aanbod om meer doelgroepen aan te spreken. Veel vakantiegangers willen bij een uitstapje wat zien, maar er moet ook wat gebeuren. Als opa en oma het museum bekijken, kunnen de jongeren sportief aan de slag”, vertelt Marie Wiersema (vrouw van de overleden eerdere eigenaar Eelke Scherjon). ,,Het is bovendien een manier om de klompenmakerij te kunnen behouden.” Eind juni 2018 moet het terrein in gebruik worden genomen.
Zonen Jilles en Hannes Scherjon werken ook in de zaak. Hannes Scherjon - een bekende fierljepper - zal zich straks met name bezighouden met de nieuwe activiteiten. Jilles trad vijf jaar geleden als machinaal klompenmaker in de voetsporen van vader Eelke. Eelke Scherjon overleed in 2012. Elke week worden nog 250 paar klompen gemaakt - met name de Scherjontsjes, bruine klompen met een specifiek motief, zijn in Fryslân en daarbuiten veel gedragen. Begin deze maand werd de Friese klompenfabriek nog Nederlands kampioen in machinaal gemaakte Hoge Handels Klompen.
Klompen en fierljeppen zijn al lang verbonden aan de familie Scherjon - vader Eelke was een markant ‘ljepper’ - en komen nu dus samen in de bedrijfsvoering. Het idee voor een fierljepexpositie werd eigenlijk al geboren in 2006, toen het klompenmuseum plek gaf aan een tentoonstelling ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de fierljepbond. ,,Na het samenstellen van die expositie wist ik al veel. Nu heb ik nog meer in de archieven gezeten en weet ik echt álles van de sport en historie”, grapt Wiersema. De tentoonstelling zal worden voorzien van veel beeld - in de vorm van films en foto’s.
Vergrijzing
Tot achtduizend bezoekers uit binnen- en buitenland komen jaarlijks naar Noardburgum om de vervaardiging van trip- en kapklompen te zien. Volgens Wiersema is het noodzakelijk de activiteiten te vergroten om het klompen maken in stand te houden. ,,Je hebt de combinatie nodig om een boterham te kunnen verdienen.” De meeste Hollandse klompen komen van Nijhuis in de Achterhoek. De fabriek in Beltrum doet de eerste machinale houtbewerking, stuurt ze dan op naar collega’s in China voor afwerking, om ze daarna vanuit Nederland te verkopen.
Machinaal klompen maken is al lange tijd de norm in de sector. Het handmatig klompen maken is beroepsmatig niet meer rendabel, weet Wiersema. In totaal zijn er nog zo’n vijftien echte meesters van het vak, maar die groep is erg vergrijsd. Wel steeds meer hobbyisten vinden hun weg naar workshops klompmaken. ,,Handmatig klompen maken is hartstikke leuk om te doen. Maar beroepsmatig kan dat niet meer uit. Er zijn er een paar die ervan kunnen leven omdat ze ook ter promotie workshops geven in het buitenland. Het beeld leeft nog wel dat het er meer zijn, maar de eerste machines draaiden al in 1920 in Nederland.”

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

economie
Familieberichten
Advertenties