De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

zondag 22 oktober

Hoofdartikelzaterdag, 8 april 2017

Taal van het hart en taal van de Bijbel
Een van de mooiste dingen in het christelijk werkveld is het vertalen van de Bijbel. Het mooie zit in de wetenschappelijke kant - wat staat er precies in de grondtaal - en in de worsteling om het juiste woord te vinden. Dat wil zeggen: welk woorden, welke zinnen doen recht aan wat gezegd wil zijn, in verstaanbaarheid.
Bijbelvertalers weten steeds meer van de grondteksten. Taalonderzoek en archeologie helpen om de grondtekst te begrijpen en uit te leggen in hun betekenis. Vervolgens komen neerlandici erbij om die betekenis zo helder mogelijk te verwoorden.
Er is een tendens om het vertaalwerk steeds sneller opnieuw te doen. De Bijbelvertaling uit 1951 was een uitdrukking van wat deskundigen toen wisten in een taal die in die tijd (nog) paste. Er kwamen achtereenvolgens nieuwe vertalingen: de Groot Nieuws Bijbel bijvoorbeeld. Die vertaling was gericht op het lezen van de Bijbel in omgangs-taal. Zo veel mogelijk mensen moeten de Bijbel zo goed mogelijk kunnen begrijpen. De Nieuwe Bijbelvertaling (NBV) is gemaakt op basis van andere uitgangspunten en voor een ander publiek.
Iedere vertaling is een vorm van verraad aan de grondtekst en/of aan de bedoeling van de Bijbelschrijvers. Iedere tekst is geschreven in een context. Die te kennen is een noodzakelijk element in het kunnen verstaan van de tekst. Precies die context begrijpen is moeilijk, zo moeilijk dat er eigenlijk altijd sprake is van verraad.
Een nieuwe Bijbelvertaling zorgt altijd voor verrassingen, als gevolg van andere keuzes. De een betreurt de keuze, de ander is er blij mee. Afgezien van de verschillende beoordelingen is er altijd een positieve verrassing: dit of dat had ik nooit zo begrepen.
De voorgenomen nieuwe vertaling in het Fries zal alle genoemde kenmerken hebben. Ook die van de verrassing. Dat geldt al voor de mensen die een proeve hebben gemaakt van die vertaling, het lijdensverhaal volgens Matteüs. Schoolkinderen, docenten en wetenschappers hebben die proeve gemaakt. Deze vorm van samenwerken is prachtig. Jonge mensen met hun taalgebruik en taalverstaan hebben de wetenschappers kunnen helpen om een zo doeltreffend mogelijke vertaling te maken voor nieuwe generaties Bijbellezers.
De Bijbel in het Fries wekt bij sommigen, ook bij Friessprekenden, weerstand op. Het spreken over God en geloof gebeurt meestal in het Nederlands, vanouds de kanseltaal. Anderen ervaren het Fries als de taal van dichtbij, de taal van het gemoed. Er is heel wat gediscussieerd over de Friese Bijbel en over het Fries in de kerk. Er is theologisch niets tegen te bedenken, evenmin als tegen het gebruik van het Gronings of het Twents. Er spelen andere motieven, maar welke? Wat we weten is dat taal een sfeer schept. Taal kan ook afstand scheppen en taal kan met dat oogmerk worden gebruikt.
De proeve van de nieuwe Friese vertaling is een mooie gelegenheid om te ervaren wat de nieuwe tekst oproept. Daarbij gaat het niet alleen om de taal. Begrijpen en meevoelen van taal wordt mede gevormd door de houding van de luisteraar en lezer. Is er openheid, een positieve nieuwsgierigheid, of is er al bij voorbaat weerstand? De kernvraag is: komt het evangelie dichterbij - in welke taal of in welke vertaling ook.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 1


Reacties:

It is saak, om de Bibel sa krekt mooglik oer to setten fan it Hebrieuwsk en Gryksk yn it Frysk. Sa't liket soe dat wer op'e mij barre moatte. Dat hâldt nei myn bitinken yn, dat net allinnich sjoen wurde moat nei forsteanber Frysk. Mar dat der ek tige krekt sjoen wurde moat, hwat der stiet. It roarbyld fan Westra, dat der oersetten wurdt dat Jezus werom roppen wurdt út it grêf liket my net goed. Lazarus is weromroppen nei dit stjerlik libben ta. Jezus is opstien út it grêf dwars troch de dea hinne. My liket it ta dat der dan ek tige krekt nei it Gryksk yn alle fjouwer efangeeljes sjoen wurde moat. De Nieuwe Bijbelvertaling liket soms mear op in parafrase as in oersetting. En oars moattte wij it noch mar eefkes dwaan mei de oersetting dy't dûmny Smilde en syn maten makke hat.

J. Elsinga, Ermelo - dinsdag, 11 april 2017


hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties