De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

dinsdag 24 oktober

Hoofdartikeldinsdag, 4 april 2017

Krijgen de Britten na brexit hun land terug?
Hoe rigoureus de onderhandelingen over het vertrek van Groot-BrittanniŽ (de brexit) uit de hand kunnen lopen, bleek dit weekeinde. Michael Howard, oud-leider van de Tory-partij van premier Theresa May, zei dat de premier bereid zou zijn oorlog te voeren over Gibraltar. De rotspunt is al ruim driehonderd jaar een Britse kolonie, maar Spanje wil het terug. Het lijkt onwaarschijnlijk dat Groot-BrittanniŽ en Spanje daadwerkelijk oorlog gaan voeren, maar het voorspelt weinig goeds dat het overleg over de brexit nog maar een paar dagen oud is en er nu al sprake is van wapengekletter. Dat is voor het eerst in zeven decennia vreedzame Europese samenwerking. Op een wrange manier wordt daarmee het gelijk van de Europese integratie bevestigd, die is gestoeld op de gedachte dat nauwe handelsbanden voorkomen dat oude vijanden met elkaar op de vuist gaan. En zie, Londen heeft nog nauwelijks de vertrekprocedure in gang gezet, of het woord 'oorlog‚Äô valt.
Woensdag kondigde May het vertrek van haar land uit de EU aan. Volgens het EU-verdrag is een lidstaat in beginsel precies twee jaar na het terugtrekkingsverzoek geen EU-lid meer, of er nu een akkoord is over de scheiding of niet.
Het stormachtige begin van de onderhandelingen belooft weinig goeds voor de Britten. De brexit maakt krachten en processen los die moeilijk controleerbaar zijn. Na de Gibraltar-rel zullen er ongetwijfeld nieuwe onaangename verrassingen opduiken. Het is niet ondenkbaar dat Groot-BrittanniŽ uit elkaar valt. Zo is in het pro-Europese Schotland de discussie over onafhankelijkheid van het Verenigd Koninkrijk weer opgelaaid. Ook Noord-Ierland blijft liever bij de EU en zou wel eens kunnen aansturen op een fusie met EU-lidstaat Ierland.
De kans dat de brexit voor Londen op een grote deceptie uitdraait is levensgroot aanwezig. May is hoopvol dat zij met de 27 resterende EU-lidstaten voordelige handelsakkoorden kan sluiten, maar is zeer onwaarschijnlijk. De EU heeft er geen belang bij dat Londen straks beter af is dan nu. Het EU-lidmaatschap moet namelijk wel lonen. Andere landen mogen niet worden aangemoedigd om zich ook los te maken van de EU.
Een eventuele deal tussen Groot-BrittanniŽ en de EU moet over twee jaar door de nationale en sommige regionale parlementen worden geratificeerd die allemaal over het veto-recht beschikken. Elk land zet het eigen belang voorop en zal niet stemmen voor een akkoord waar het zelf slechter van wordt. Eťn dwarsligger kan de deal torpederen. Zo werd het CETA-vrijhandelsverdrag tussen de EU en Canada vorig jaar gedwarsboomd door het Waalse regio-parlement. Om zo‚Äôn scenario te voorkomen, zal de EU de Britten een overeenkomst aanbieden die vooral de belangen van de resterende EU-lidstaten dienen. Voor Londen is het dan slikken of stikken. Met een deal is het slechter af, maar als er geen deal komt, zullen grote internationale bedrijven en banken die zaken willen doen met de EU wegtrekken uit Groot-BrittanniŽ. Dat gaat gepaard met het verlies van honderdduizenden banen.
De Britten stemden vorig jaar voor de brexit omdat ze af wilden van Brusselse bemoeizucht en 'hun eigen land terug wilden‚Äô. Maar met of zonder deal is Groot-BrittanniŽ geÔsoleerder en armer, en is het niet meer hun oude land.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties