De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

dinsdag 24 oktober

Hoofdartikelzaterdag, 4 juni 2016

Crisis kerken heeft niet het laatste woord
De kerkelijkheid neemt af. Dat feit zegt niet noodzakelijkerwijs iets over gelovigheid. Niet alle mensen die de kerk verlaten hebben daarmee een besluit genomen om niet meer te geloven. De geloofspraktijk van gelovige, niet-kerkelijke mensen is wel anders. Niet zelden blijkt dat gelovige onkerkelijkheid moeilijk is. De inspiratie die in de kerk kan worden gevonden verdwijnt; de opbouwende bemoedigingen en correcties die bij een levende geloofsgemeenschap horen zijn er niet meer en veel kerkverlaters ervaren een leegte in hun sociale leven. Daar tegenover staat bij sommigen de ervaring van vrijheid om in eigen eer en geweten een gelovig leven te leiden - als ballast ervaren herinneringen aan het verleden kunnen overboord worden gezet. Die ervaringen kunnen gaan over een streng (opvoedings)klimaat of over ervaren onrecht in naam van de geloofsgemeenschap.
De opkomst van andere vormen van (geloofs)gemeenschap is in zekere zin een logisch gevolg van dit alles. Her en der in ons land en in andere landen ontstaan initiatieven die kunnen dienen als vervanging van de traditionele vormen zoals kerkgang. De activiteiten van Nij Kleaster in Jorwert zijn een voorbeeld; zo nu en dan krijgen leegstaande kloosters een nieuwe bestemming als woon- en leefplaats van christenen.
Een kenmerk van de meeste nieuwe initiatieven is de ‘breedte’ ervan. Het gaat niet alleen om de leer, liturgie of muziek. Inzet van veel mensen die meedoen is feitelijk hun leven, hun manier van bestaan. Daarbij kan het oude ideaal van 'stille’ monniken als voorbeeld dienen, maar er zijn veel andere vormen. Bijvoorbeeld een nadrukkelijke gerichtheid op de samenleving, bijvoorbeeld een stad. Een leef- en woonvorm die zich op de stad richt, kan een plek van inspiratie zijn voor gehaaste, vermoeide en naar inspiratie snakkende mensen. Leden van de gemeenschap kunnen hun rijkdom aan inspiratie, vertrouwen en innerlijke vrede aanbieden. Nieuwe vormen van gelovig leven kunnen - zo is al herhaaldelijk gebleken - een veilige omgeving zijn voor mensen die gewond zijn geraakt in het leven. Nog weer andere kunnen zich richten op diaconale taken. of op oudere mensen die als ‘achterblijvers’ in hun bijna lege kerk zitten.
Veel elementen van de christelijke traditie komen voort uit woon- en leefvormen, zoals kloosters. Alle eeuwen van het christendom zijn zulke gemeenschappen plaatsen geweest voor inspiratie, voor actie, voor persoonlijk geestelijk leven voor presentie van de kerk in de wereld.
Parallel aan kerkverlating en dalend aantal christelijke gelovigen, het aantal initiatieven voor gemeenschappelijk christelijk wonen en leven, groter wordt.
Nieuwe tijden vragen nieuwe manieren en vormen. Maar juist in christelijke gemeenschappen kan het nieuwe voortkomen uit de essentie van het oude - dat heeft zijn waarde bewezen. Geloven als werkwoord: innerlijk leven gekoppeld aan praktisch handelen versterken elkaar. Zo’n gemeenschap straalt van het heil dat wordt gevierd en wordt gedaan.
De crisis in kerkelijke gelovigheid heeft niet het laatste woord. Altijd en overal maakt de Geest wegen die het heil voor mens en wereld zichtbaar maken.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties