De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

vrijdag 15 december

Hoofdartikelvrijdag, 20 mei 2016

Veiligheid Nederland niet in goede handen
De jaarlijkse Verantwoordingsdag in de Tweede Kamer, op de derde woensdag in mei, is ingesteld vanuit bezorgdheid over het ontbreken van een goed overzicht van de kwaliteit van uitvoering van beleid door het kabinet. Dat belooft van alles, vaak onder druk van de meerderheid in de Tweede Kamer, maar wat komt ervan terecht? Ook plannen van het kabinet blijken niet altijd goed te worden uitgevoerd, of zelfs helemaal niet.
De Verantwoordingsdag van dit jaar, deze week in de Kamer, was tamelijk spectaculair. De Algemene Rekenkamer kraakte harde noten over de kwaliteit van het kabinetsbeleid, beter gezegd: over de kwaliteit van de uitvoering van beleid. Drie ministeries vertonen 'ernstige tekortkomingen’ de uitvoering van het werk. Die kwalificatie is de 'strengste’ die de Rekenkamer kan afgeven. Het gaat om de ministeries van Veiligheid en Justitie, Defensie en Financiën. Alle drie ministeries zijn de verantwoordelijkheid van VVD-bewindslieden.
De aard van de tekortkomingen varieert: Financiën heeft de Belastingdienst niet op orde; mede veroorzaakt door falend ICT-beleid. De problemen zijn zodanig ernstig dat de Rekenkamer vaststelt dat het invoeren van een nieuw belastingstelsel - waarover maanden is gesproken - er nu niet kan komen. De organisatie kan zo’n vernieuwing simpelweg niet aan. Deze opmerking heeft ook politieke betekenis: politieke partijen bereiden zich voor op de verkiezingsprogramma’s. In veel programma’s zal het herziening van het belastingstelsel zijn opgenomen. De opmerking van de Rekenkamer betekent niet meer en niet minder: beste politieke partijen, jullie kunnen plannen voor vernieuwing niet waarmaken.
Het ministerie van Veiligheid en Justitie doet het als organisatie niet bijster best. Dat wisten we al en de Rekenkamer heeft dat oordeel bevestigd: er is onvoldoende overzicht over de bedrijfsvoering. De aanpak van het ministerie van dit probleem is niet voortvarend.
Het ernstigst is de kritiek op het ministerie van Defensie. Samengevat: het Nederlandse leger is niet in staat het Nederlands grondgebied te verdedigen. De achtergronden van dat in zeker opzicht verbijsterende oordeel zijn velerlei. Er is onvoldoende kwaliteit in de organisatie om ervoor te zorgen dat bijvoorbeeld onderhoud goed wordt gedaan, en er voldoende reserve-onderdelen zijn.
De minister onderschrijft het oordeel van de Rekenkamer. Ze wijst erop hoe er de afgelopen twintig jaar op Defensie is bezuinigd. Die opmerking is merkwaardig. Het is nog niet eerder voorgekomen dat de Rekenkamer uitspreekt dat het Nederlandse leger niet in staat is het grondgebied te verdedigen. Onder deze minister is de situatie kennelijk zo verslechterd dat de Rekenkamer nu vaststelt dat de regering haar primaire taak - veiligheid van ons land - niet meer kan garanderen. De minister is daarvoor verantwoordelijk . Er zijn geen signalen dat de minister effectieve maatregelen voorbereidt om de primaire veiligheid wel te kunnen garanderen. Extra geld voor Defensie is geen optie: het ministerie kan dat geld niet aan, zo beroerd is de organisatie.
Wat moet er nog meer gebeuren voordat de minister begint te denken: ik kan de veiligheid niet op orde krijgen, misschien is deze stoel te groot voor mij?

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties