De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

maandag 23 oktober

Hoofdartikelwoensdag, 11 mei 2016

Respect vraagt om zorgvuldigheid
De herdenkingsdagen van oorlog en vrede, 4 en 5 mei, zijn voorbij, maar in de hoofden en harten van groepen mensen wijkt de herinnering aan wat er is gebeurd, nooit. Dat geldt in toenemende mate voor mensen die na de Tweede Wereldoorlog betrokken zijn geweest bij Nederlandse (VN) missies. Daarvan zijn er in de afgelopen jaren veel geweest, vanaf 1950 ongeveer zestig. Regelmatig verschijnen verhalen van veteranen die na terugkomst moeite hebben om in het gareel van de Nederlandse samenleving te komen. Een deel van hen klaagt over de wijze waarop ze naar hun gevoel aan hun lot worden overgelaten. De overheid doet steeds meer voor veteranen, maar dat beleid leidt niet bij iedereen tot tevredenheid.
De 'oudste’ missie lijkt inmiddels vergeten, die in Korea van 1950-1955. Wie weet nog dat daarbij 123 doden vielen? De uitzendingen naar Libanon, in de jaren 1979-1985, staan in de beleving dichterbij. Dat komt deels van het nieuws dat Libanon-veteranen die last hebben van een posttraumatisch syndroom (PTSS) aanspraak denken te kunnen maken op vergoedingen van het ministerie van Defensie.
Naarmate de Tweede Wereldoorlog verder achter ons ligt, verandert het karakter van de herdenkingen. Er zijn steeds minder mensen die de oorlog hebben meegemaakt en daaronder hebben geleden. Er is veel discussie (geweest) over de toekomst van de herdenkingen. De plaats van de veteranen is daarin belangrijker geworden.
Een element in de discussie is de vraag of het juist is om slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog te gedenken in combinatie met de herdenking van militairen die in (vredes)missies zijn omgekomen. De verschillen in 'soorten’ slachtoffer zijn groot. De dood van Joden en anderen in concentratiekampen is iets heel anders dan de dood van een Nederlandse militair tijdens een vredesmissie. De eersten vielen als slachtoffers van een bezetting; de anderen kwamen om tijdens militaire operaties. Ook in ander opzicht zijn er verschillen. Nederlanders die omkwamen tijdens de strijd tegen de bezetter en slachtoffers in pogingen om (verdere) strijd te voorkomen in een ver weg gelegen land zijn verschillende 'groepen’ mensen.
Het is van belang om die verschillen te blijven zien. De omstandigheden waarin mensen omkwamen zijn verschillend en het is in historisch en in menselijk opzicht onjuist die verschillen te laten vervangen tot een algemeen begrip van slachtofferschap. In de vervaging die dreigt verdwijnt het specifieke of soms unieke van de omstandigheden.
Er zijn tekenen dat de vervaging toeslaat. Dat blijkt in formuleringen tijdens de 4 mei-herdenking. Dan wordt er gesproken van mensen die vielen voor 'onze vrijheid’. Die omschrijving is passend voor bijvoorbeeld omgekomen verzetsmensen in de Tweede Wereldoorlog. Maar ze is niet, of in een andere betekenis van toepassing op militairen die tijdens een vredesmissie zijn omgekomen. De omstandigheden van beiden verschillen enorm. Verzetsmensen vochten voor een vrij Nederland. Omgekomen militairen op vredesmissie in een ver land vochten niet voor 'onze vrijheid’ maar werkten aan voorkoming en/of vermindering van geweld en dood, meestal in een ver land.
Beide 'soorten’ slachtoffers verdienen het om met de juiste woorden te worden herdacht. Respect vraagt om zorgvuldigheid.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties