De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

zondag 17 december

Hoofdartikelvrijdag, 8 april 2016

Referendum: geen antwoord op een vraag
De organisatoren van het referendum over het verdrag met Oekra´ne zijn blij met de uitslag: het is gelukt. Met hen zijn de tegenstanders van het verdrag met Oekra´ne blij: het vanzelfsprekende waarmee de Nederlandse politiek dacht te kunnen beslissen over dat verdrag is weggenomen. Er zijn ook veel mensen niet blij: de meerderheid in de Tweede Kamer die voor het verdrag stemde en de mensen die het verdrag als een belangrijke stap zien in een proces van versterking van Oekra´ne als een land dat met zijn gezicht naar het Westen wil staan en met de rug naar Rusland.
Er is een heel grote groep Nederlanders van wie we niet weten of die blij is of juist niet. Dat is de ruime meerderheid van de stemgerechtigden die niet heeft gestemd. Een deel van hen deed dat vanuit de strategische gedachte: niet stemmen verhoogt de kans op het niet halen van de drempel van 30 procent. En dat is precies wat deze groep wilde. Een ander deel stemde niet uit afkeer van het fenomeen raadgevend referendum. En dan is er de groep die niet heeft gestemd wegens desinteresse. Wellicht is de laatste groep de grootste.
De betekenis van de uitslag waaiert uit over allerlei aspecten. Wat gaat Nederland doen jegens de Europese landen? Kan het verdrag doorgaan zonder ons land? Of zijn er voldoende 'sluipwegen' om met name de handelsaspecten gewoon uit te voeren? Wat gaat de Nederlandse regering doen. 'Het volk' heeft gesproken: we doen het niet. De Kamer heeft ja gezegd. De uitslag van het referendum niet. Maar kan de politiek de wens van die 32 procent voorstemmers negeren?
Het referendum ging niet over Oekra´ne, maar was een uiting van ongenoegen jegens Europa. In 2005 deed hetzelfde verschijnsel zich voor over de grondwet van Europa. De negatieve uitslag toen werd algemeen gezien als afkeuring van het Nederlandse Europa-beleid. Er is de verleiding om nu hetzelfde te zeggen. Maar het is de vraag of die interpretatie deugdelijk is. het grootste deel van de stemgerechtigden bleef thuis, toen en nu. Waarschijnlijk de grootste groep niet-stemmers handelde zo uit gebrek aan interesse voor het onderwerp en voor de politiek. De uitslag lijkt daarom vooral een uitdrukking van desinteresse te zijn.
Deze conclusie is zorgelijk. Ze overstijgt de belangen die samenhangen met het verdrag met Oekra´ne. Die conclusie laat zien hoe miljoenen Nederlanders niet meer bereikt worden door de politiek. Dat is wellicht de belangrijkste vaststelling: de kloof tussen de politieke elite en een belangrijk deel van het volk is een harde realiteit.
Het (raadgevend) referendum is een schamel instrument om die kloof te dichten. 'Het volk' krijgt met het referendum de kans zich direct te bemoeien met het politieke en bestuurlijke beleid. Maar zowel bij het referendum in 2005 als bij dat van deze week bleek het referendum niet te gaan over het onderwerp, maar over van alles. Daarbij blijkt dat het referendum vooral een instrument is voor het ventileren van ongenoegens. Die zijn heel verschillend, vaag en vaak ook onbestemd.
Het is duidelijk: het huidige referendum is geen antwoord op een vraag en het schept verwachtingen waaraan bijna ten principale niet kan worden voldaan.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties