De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

vrijdag 15 december

Hoofdartikelvrijdag, 1 april 2016

Vrouwen en mannen zijn toch niet gelijk
Het denken over mannen en vrouwen ondergaat een nieuwe impuls: de vrouw en de man zijn toch echt verschillende mensen, zo wordt steeds vaker bevestigd. Bijvoorbeeld in medisch onderzoek, met name van het hart. Sommige wetenschappers menen dat de gangbare methoden van onderzoek van het hart vooral van toepassing zijn voor mannen en niet voor vrouwen. Dat heeft gevaarlijk consequenties. Bijvoorbeeld bij het al dan niet onderkennen van een hartaanval. De verschijnselen van een hartaanval bij vrouwen passen niet op die van een hartaanval bij mannen. Onderzoek en diagnose blijken te zijn ontwikkeld voor mannen. Vrouwen hebben niet dezelfde verschijnselen als mannen, er is nadrukkelijk sprake van een 'mannelijke hartaanval’ en een 'vrouwelijke hartaanval’ Medici erkennen nu dat ze verschijnselen bij vrouwen niet herkennen als verschijnselen van een hartaanval. Er lopen vrouwen rond met onverklaarde klachten die verschijnselen van een niet herkende hartaanval.
Decennialang was het niet passend om over (fysieke) verschillen tussen mannen en vrouwen te spreken. Sommige feministische stromingen vonden het een schande om het over verschillen te hebben. Nu komen ook (medische) wetenschappers tot de ontdekking dat er verschillen zijn. Het kan niet anders of deze 'ontdekkingen’ leiden tot een genuanceerd beeld van de verschillen tussen mannen en vrouwen, ook in mentaal en psychisch opzicht. Een voorbeeld is de 'ontdekking’ dat de sexe van de leerkracht in de basisschool een belangrijke factor is voor de sfeer in de klas en op het schoolplein. Leerkrachten zenden vooral onbewust signalen uit over bijvoorbeeld gewenst gedrag. Verreweg de meeste leerkrachten op de basisschool zijn vrouw - van iedere zeven leerkrachten is één een man. Een vrouwelijke leerkracht kijkt, bijvoorbeeld, heel anders naar een stoeipartij van jongens dan een mannelijke. De vrouwelijke leerkracht is veel eerder geneigd stoeigedrag af te keuren. Maar voor jongens hoort stoeien erbij, het is een onderdeel van de ontwikkeling van 'jongen tot man’. Gelet op het grote aantal vrouwen voor de klas en toevalligheden in de plaatsing van leerkrachten in groepen, kan het zomaar gebeuren dat jongens in een bepaalde klas tijdens hun hele basisschoolperiode geen meester hebben. Zij missen al die jaren een rolmodel zoals een meester dat kan zijn. En als de vader ook nog ontbreekt in het dagelijks leven, is dat gemis nog groter.
Zelfs in politieke kringen leven zorgen over deze omstandigheden. De ChristenUnie wil een soort actieplan om meer mannen in de basisschool te krijgen. De partij wil, in overleg met onderwijsorganisaties 'meer kerels’ voor de klas. Hoe dat precies moet, is nog niet duidelijk. Gedacht wordt aan het bevorderen van meer zogeheten zij-instromers, mannen die vanuit een andere baan overstappen naar het onderwijs.
Het politieke initiatief is bijzonder. Politiek en onderwijsorganisaties lijken de ontwikkelingen ernstiger te vinden dan bijvoorbeeld feministische groeperingen - voor zover die er nog zijn. Wellicht leiden de 'ontdekkingen’ over vrouwen en mannen tot impulsen voor emancipatie van beide. Kernbegrip daarin zou kunnen zijn: toegroeien naar bloei van de eigenheid van ieder persoon.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties