De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zaterdag 18 november

Economiedinsdag, 5 maart 2013

Jongeren moeten langer naar school
Den Haag | Het kabinet trekt vijftig miljoen euro uit om de sterk stijgende jeugdwerkloosheid te bestrijden. Dat hebben de ministers Lodewijk Asscher van Sociale Zaken en Jet Bussemaker van Onderwijs vanochtend bekend gemaakt. De helft van het bedrag wordt uitgetrokken om jongeren langer door te laten leren na het behalen van hun mbo-diploma. Ze worden dan niet werkloos en vergroten bovendien hun kansen op de arbeidsmarkt.
De andere helft van het geld gaat naar de arbeidsmarktregio’s, samenwerkingsverbanden van gemeenten en het UWV. Zij krijgen daardoor meer mogelijkheden jongeren aan de slag te helpen.
De ministers willen ook een ambassadeur voor de aanpak van de jeugdwerkloosheid benoemen voor twee jaar. Hij of zij moet werkloze jongeren hulp bieden bij het vinden van werk, bijvoorbeeld door te bemiddelen bij gemeenten en werkgevers. Aan vakbonden en werkgeversorganisaties vraagt het kabinet om in de bedrijfstakken afspraken te maken over stageplekken en leerbanen. Het is onder voorwaarden bereid daaraan mee te betalen. Het kabinet wil ook een techniekpact sluiten met sociale partners en onderwijsinstellingen. Daarmee moet het gebrek aan technici en vakkrachten worden tegengegaan.
De jeugdwerkloosheid is de laatste jaren fors opgelopen. In 2011 bedroeg ze nog 9,8 procent, in januari van dit jaar was dat al 15 procent. Van de totale beroepsbevolking was toen 7,5 procent werkloos.

Fryslân

Uit cijfers van het UWV blijkt dat er eind vorig jaar ruim werkzoekende jongeren in Fryslân stonden ingeschreven. Dat betekende een stijging van 36 procent vergeleken met eind december 2011. De stijging is met 36 procent groter dan het landelijk gemiddelde (30 procent). Met name op mbo-niveau steeg het aantal werkzoekenden in Fryslân. Ook was er sprake van een stijging bij mensen met een hbo- of universitaire opleiding.
Het aantal hoogopgeleide jonge werkzoekenden (hbo of wo) verdubbelde in een jaar tijd landelijk tot bijna achtduizend. In absolute zin is de toename onder hogeropgeleide mbo’ers (niveau 3 of 4) het grootst, met zevenduizend tot ruim zestienduizend. Van de totale geregistreerde groep van 71.000 heeft 42 procent een mbo-opleiding afgerond. 11 procent heeft een hbo-opleiding of universitaire opleiding.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

economie
Familieberichten
Advertenties