De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
maandag 24 november

Regiovrijdag, 22 april 2011

Gele weidemier beïnvloedt flora Schier
Schiermonnikoog - Gele weidemieren beïnvloeden met hun graafwerk en luizenhouderij de bovengrondse plantengroei. Dit concludeert biologe Ciska Veen, die een deel van haar veldonderzoek op Schiermonnikoog deed en volgende week promoveert aan de Rijksuniversiteit Groningen.
De weidemieren zorgen plaatselijk voor een verandering in de bodemsamenstelling, waardoor andere plantensoorten kunnen groeien.
De gele weidemier, Lasius flavus, is een mierensoort die grote nestbulten maakt en daar samenwoont met wortelluizen. De mieren woelen grond omhoog uit diepere bodemlagen, met een andere samenstelling en zuurtegraad. Deze graafwerkzaamheden geven de bodem bovendien een lossere structuur. Takjes, bladeren en ander organisch materiaal worden hierdoor sneller omgezet in voedingsstoffen. ,,De grond is bovendien schoner”, aldus Veen. ,,Hij bevat veel minder ziekteverwekkers zoals aaltjes.”
De gunstige omstandigheden op de nestbulten zijn terug te zien in de plantengroei. Op de bulten vond Veen meer rood zwenkgras en minder zeekweek dan naast de nestbulten.
Ook een andere bezigheid van de mieren, het luizen hoeden, blijkt van invloed te zijn op de bovengrondse plantensamenstelling. De mieren voeden zich met zogenoemd honingdauw dat door de luizen wordt afgescheiden. Om het zichzelf makkelijk te maken houden de mieren wortelluizen in hun nest. Ze verzorgen de luizen goed. De mieren melken de luizen als het ware en broeden zelf de luizeneitjes uit.

Goed bestand

,,De aanwezigheid van wortelluizen heeft effect op de vegetatie”, weet Veen. ,,Omdat de ene plantensoort veel beter tegen wortelluizen kan dan de andere. Op de nestbulten krijg je dus groei van soorten die goed bestand zijn tegen de luizen.”
De gele weidemier komt ook gewoon in de tuin voor, maar zonder opvallende nestbulten. Veen: ,,Je kunt ze tegenkomen als je bijvoorbeeld een container verplaatst. Ze kunnen slecht tegen de zon, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de zwarte mier en de bosmier. Het zijn eigenlijk albinomieren.”
In een tuin hoeven de weidemieren echter meestal geen nestbulten te bouwen. ,,De nestbulten bouwen ze om boven de vegetatie uit te komen, zodat het nest zonlicht opvangt. De zonnewarmte is nodig om de eitjes uit te broeden. In onze strak gemaaide gazons vangen ze zonder verhoging al genoeg zonlicht.”

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

regio
Familieberichten
Advertenties