De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
woensdag 22 november

Hoofdartikelzaterdag, 30 oktober 2010

De treurnis in het hbo...
Een van de goede dingen in het regeerakkoord is de verhoging van het aantal contacturen, zeg maar: lessen, in het hoger beroepsonderwijs. Er zijn hbo-opleidingen - en overigens ook studies in het wetenschappelijk onderwijs - waar de studenten slechts acht uren per week een docent zien. Overigens zijn die acht uren soms een luxe. Er wil nog weleens een docent uitvallen, ook voor langere tijd. De resterende tijd moeten ze indelen om aan hun studie-inspanning te voldoen. In veel gevallen is daarbij groepswerk verplicht. Studenten moeten met elkaar de stof door en opdrachten maken. De groepsdwang is groot: niet het individu in het groepje kan een cijfer halen, maar het groepje. En als een van de studenten zich niet houdt aan de afspraken, dan is dat een zorg voor de andere leden van het studiegroepje. Het komt nogal eens voor dat een groepje de benodigde punten niet haalt omdat een deelnemer het vertikt om zich aan de afspraken te houden. Ondanks alle inspanningen van de andere leden van het studiegroepje. De studiebegeleider heeft een taakopvatting die zich beperkt tot het wijzen op de eigen verantwoordelijkheid van de studenten. In andere woorden: los het zelf maar op. Frustratie, schooluitval en andere negatieve effecten bij studenten zijn het gevolg.
Dit is de ontluisterende werkelijkheid op veel hbo-scholen; iedereen die zijn oor te luisteren legt in bijvoorbeeld de Leeuwarder cafés en andere uitgaansgelegenheden, kan ze horen. Het probleem wordt overigens niet opgelost door meer lesuren. Het is maar de vraag hoe de docent zijn uren invult. Hij kan boeiend vertellen over het vak, maar kan zich ook gedragen als een surveillant bij de studenten die in groepjes bezig zijn.
Recente onthullingen over diploma-fraude op een grote Amsterdamse hbo-school zijn een bevestiging van de indruk dat de waarde van een diploma niet in alle gevallen enig verband houdt met kennis die is vergaard. In de gevallen waar die relatie er wel is - dus dat een diploma echt staat voor de leerstof - zijn er treurige omstandigheden. Wat te denken, bijvoorbeeld, van die pabo waar de aanstaande juffen en meesters acht uren muziekles krijgen per jaar! Logisch dat die juffen een meesters later hun toevlucht zoeken in het afspelen van een cd in de klas. Ze weten werkelijk niet hoe ze kinderen iets van muzikale ontwikkeling moeten bijbrengen. Een andere treurnis is het volstrekt ontbreken van enig vakinhoudelijk onderwijs op de pabo voor bijvoorbeeld geschiedenis. De pabo-studenten worden geacht hun vaderlandse geschiedenis te hebben gehad in het voortgezet onderwijs. In de praktijk weten ze heel weinig tot niets. Laat staan dat ze in staat zijn jonge kinderen te helpen bij de vorming van hun historisch bewustzijn.
...en de beroving
De teloorgang van een normale schoolweek in het hbo betekent ook teloorgang van een van de grote waarden van het onderwijs: overdracht van waarden en de vorming van cultuur. Voor veel volwassenen is de betrokkenheid van een docent van toen op diens vak, de liefde voor bijvoorbeeld een dichter, het enthousiasme voor een schilder of een kunstenaar van grote betekenis geweest voor de eigen ontwikkeling. Daarbij gaat het niet alleen om de vakinhoudelijkheid, maar om iets veel groters. Bijvoorbeeld om het inleiden in een cultuur, het voorleven van het hebben van idealen, het wekken van gevoeligheid voor grote verbanden, voor grote ‘hoogten’ in een individueel leven of in een cultuur.
Voor deze vorming is geen tijd op veel hbo-scholen; de studenten zien de docenten nauwelijks. Hierdoor stokt de waardenoverdracht die zo bepalend is voor de betekenis van onderwijs. Deze breuk is niet alleen culturele barbarij, maar ook beroving van iets waar jongere generaties recht op hebben.
We hebben nog maar nauwelijks zicht op de effecten op lange termijn van de verloedering zoals die in het hbo voorkomt; korte termijn-effecten zijn overal zichtbaar. We hebben al wel vermoedens over wat er op langere termijn gebeurt. Denk maar aan wat de Haagse PVV’er Fritsma zei over subsidie aan het Residentie-orkest: ,,Waarom moet Jan Modaal betalen voor een elitegezelschap dat een tromboneclubje bezoekt?’’ Net als zijn baas Wilders is Fritsma een dwaas (wel veel geld voor de bodemloze put van de Haagse voetbalclub en niet voor een orkest van Europees niveau). Maar ook hij wordt gevaarlijk als in de samenleving de culturele barbarij niet meer kan worden bestreden omdat ‘het volk’ te lang en te veel cultuur is onthouden en niet meer weet wat hij mist.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 1


Reacties:

Dat de heer Wilders en zijn fractiegenoot soms niet zulke verstandige uitspraken doen, is evident. Het hoofdartikel zou aan sterkte hebben gewonnen, als de scribent ook het dwaze van een heleboel linkse onderwijsvernie(l)uwingen had genoemd, want die zijn de oorzaak van in het overgens uitstekend hoofdartikel over het HBO en aangewezen lacunes en het tekort aan waarde-overdracht in het HBO. Bij geschiedenisonderwijs is lange tijd vanuit linkse hoek het "not done" geweest om lineair geschiedenisonderwijs te geven, maar alleen in porjecten. De lieve jeugd zou eens wat trotser op eigen land en eigen geschiedenis kunnen worden. Dat werd als "nationalistisch" gezien. foei toch? Ook zou het hoofdartikel hebben gewonnen door de betreffende Wilders en Fritsma niet dwaas te noemen, maar hun uitspraken en plannen. het iemand dwaas te noemen lijkt te veel op -op de persoon spelen. Dat moet het Friesch Dagblad niet willen......

J. Elsinga, Ermelo - dinsdag, 9 november 2010


hoofdartikel
Familieberichten
Advertenties