De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zaterdag 23 september

Geloof & Kerkdonderdag, 22 april 2010

ĎPKN heeft geen Kerk en IsraŽl-beleid meerí
Vught - De Protestantse Kerk in Nederland staat steeds vaker in haar hemd als het gaat om het beleid inzake IsraŽl omdat de kerk geen eenduidig en richtinggevend Kerk en IsraŽl-beleid meer heeft. Dat vindt ds. Marja van den Beld uit Vught, lid van het Platform AppŤl Kerk en IsraŽl.
Maandag komt het AppŤl Kerk en IsraŽl in Soest bijeen om te praten over het Kairosdocument Uur van de waarheid dat zoveel opschudding heeft veroorzaakt. Deze week werd nog bekend dat zelfs bepaalde passages scherper zijn geformuleerd dan in de oorspronkelijke Arabische versie.
,,Inzet van de bijeenkomst in Soest is dat wij de noodkreet ondersteunen, maar grote bezwaren hebben tegen de argumentatie in het document. Velen, inclusief het moderamen van de Protestantse Kerk, weten er niet goed raad meeĒ, meent Van den Beld. Op de bijeenkomst van maandag zullen de verschillende aspecten van de kritiek van het AppŤl Kerk en IsraŽl door een aantal bekende sprekers nader worden toegelicht om zo de discussie daarover mogelijk te maken.
,,Wij merken namelijk dat het gewone kerklid eigenlijk niet weet hoe hij moet reageren omdat er vanuit de kerk geen duidelijk standpunt komt. Er is geen gidsfunctie naar de achterban.Ē

Goede voornemens

Een weerkerend probleem bij dit soort situaties is dat er geen officieel Kerk en IsraŽl-beleid meer bestaat, ,meent Van den Beld, die vroeger in diverse landelijke (hervormde) IsraŽl-organen zat. ,,Er is nog wel een Protestantse Raad en er zijn goede voornemens geformuleerd in de Kerkorde over afschaffing van de vervangingstheologie, theologische herbezinning op de plek van IsraŽl in de christelijke theologie en strijd tegen het antisemitisme. De uitvoering daarvan vraagt om actief beleid en om mensen die dat kunnen uitvoeren. Dat moeten mensen zijn die geschoold zijn in Jodendom en in de relatie met christendom en islam. Personen die de geschiedenis en achtergronden van het Midden-Oosten goed kennen. Alleen dan kan er sprake zijn van leiding geven aan een nieuwe koers.Ē
Nu duidelijk beleid en voldoende kennis ontbreekt, blijft over ,,goed bedoelde formuleringen die als een mantra herhaald worden, maar niet meer in lijn liggen met uitgevoerde actiesĒ. Het platform noemt bijvoorbeeld de stevige contacten met het Palestijnse instituut Sabeel en de recente kritische brief aan het adres van de IsraŽlische regering. Dat laatste schrijven viel helemaal verkeerd. ,,Het moderamen mag zeggen dat deze reacties in de lijn zijn met de nota van de synode over het Midden-Oostenconflict. Dan is de vraag of het in die IPA-nota (Het IsraŽlisch-Palestijns-Arabisch conflict) al niet verkeerd ging.Ē

Noodkreten

Het Platform AppŤl Kerk en IsraŽl zegt dat ze uit het land allemaal noodkreten ontvangt van ,,dolende mensen die zich op dit punt volstrekt in de steek gelaten voelen en geen adres meer hebben voor informatie, studie en bezinningĒ. ,,Daarmee worden de kerkorde-artikelen, die nota bene een belijdend karakter hebben, tot een dode letter. Zowel voor de Joodse partners als voor de eigen achterban. Niet voor niets luidt de formule dat wij als kerk Ďgeroepen zijn tot onopgeefbare verbondenheidí. Het gaat niet om een feit, maar om een roeping. En dat betekent dus hard werken, in daden laten zien dat die ommekeer ons ernst is.Ē
i Op www.frieschdagblad.nl, de volledige brief van het platform als reactie op het Kairosdocument.
i Aan het programma in Soest werken mee: Hans Jansen (theoloog), Wim Kortenoeven (CIDI), Ruben Vis (Centraal Joods Overleg), Kees de Vreugd (Christenen voor IsraŽl), Bert SchŁssler (OJEC), Tzvi Marx (rabbijn). Wilhelminakerk in Soest: 13.00-16.30 uur. Deelname: 10 euro. Opgave is niet nodig
De brief van het AppŤl Kerk en IsraŽl als reactie op het Kairos-document:
Aan: het moderamen van de PKN, 11 maart 2010
T.a.v. ds Verhoeff, dr.Plaisier
Betreft: Uur van de Waarheid en uw reactie daarop.
Geachte leden van het moderamen,
Na lezing van het document Uur van de Waarheid en vervolgens de reactie van de PKN in de vorm van een brief aan de IsraŽlische ambassadeur voelen wij ons als platform AppŤl Kerk en IsraŽl geroepen om te reageren. De leden van ons platform hebben allen hun sporen verdiend in de Kerk en IsraŽl organen, hebben de nieuwe formulering van de huidige kerkorde geboren zien worden als uitkomst van en aanzet tot een proces van inkeer en omkeer, kritische herbezinning op de anti-joodse geschiedenis van de kerk en de fatale vervangingstheologie die daar onderdeel van was. Fataal voor Joden, maar ook voor de kerk.
Wij verklaarden ons als kerk geroepen ons leven te beteren. Die hoopvol ingeslagen weg blijkt weerbarstig en confronterend waardoor de praktijk toch vaak niet verder komt dan het herhalen van die mooie voornemens.
Ons inziens ligt daar ook het probleem met betrekking tot uw reactie op bovengenoemd document van de Palestijnse christenen en hun medestanders.
Dat wij als kerk ons aangesproken voelen door het leed van onze geloofsgenoten ter plekke spreekt vanzelf. Dat het onze plicht is om hen te steunen eveneens. Maar dan toch niet met verraad aan onze eigen kerkordelijke opdracht en aan de objectieve historische feiten. Dit document pleit voor een 'contextuele' lezing. Maar dan zou het ook moeten gaan over de hele context: de Joodse context van de bijbel en de context van de geschiedenis van het Midden Oosten, waarin de Islam een hoofdrol speelt. Precies op deze punten missen wij een grondige analyse terwijl dat precies is wat verwacht mag worden van het moderamen in een conflict dat voor de achterban alleen vanuit de media niet te begrijpen is.
Ons inziens had duidelijk gemaakt moeten worden dat op twee hoofdpunten in het document de context geweld wordt aangedaan:
Om te beginnen de bijbelse context: op geen enkele wijze wordt in het document IsraŽl zijn legitieme plek gegund als eerst aangesprokene in de Hebreeuwse bijbel. Alle stereotypen van de vervangingstheologie zijn aanwezig (hfdst.2.2 v.v.): Jezus is uitsluitend de Christus, met hem begint een nieuwe leer, het oude wordt afgedaan als versteende letter en fundamentalisme. Het land mag geen Joods land zijn, maar wordt alleen universeel geduid.
We verschillen niet van mening over het geloof dat ook de volken hun plek hebben in de heilsgeschiedenis, maar niet ten koste van IsraŽl. Hebben wij in Europa niet met schade en schande geleerd waar een judenreine theologie toe leidt? Mensen die uit hun verhaal verwijderd worden, worden uiteindelijk ook fysiek verwijderd. Het document veralgemeniseerd IsraŽl als natie tot notie en weg is dan de plek van IsraŽl als gids voor de kerk uit de heidenen, als kompas voor het begrijpen van de Jood Jezus. Dit is een manier van theologiseren die wij afgezworen hadden en op die punten zullen wij ons van dit document moeten distantiŽren. Daar hebben onze Palestijnse mede-christenen recht op vanuit dezelfde liefde en rechtvaardigheid waar in het document zo mee geschermd wordt.
Het tweede punt waarop de argumentatie van het stuk volkomen onwaarachtig is, is de eenzijdigheid in het benoemen van de oorzaak van het leed. IsraŽl treft alle blaam, de Islam, n.b. het hart van het Arabische zelfverstaan, blijkt geen enkele rol te spelen. Voor wie zich verdiept in de missie van de Islam, het handvest van Hamas, de messiaanse ideologie van Achmedinejad, weet dat de allesbepalende factor voor de Palestijnse leiders de Islamitische opvatting is dat eenmaal veroverd land altijd Islamitisch bezit zal blijven en dat elke moslim geroepen is de heilige oorlog hiervoor met alle (gewelds)middelen te voeren.
Die claim heeft voor de aanwezige Joden en Christenen in het Midden Oosten eeuwenlang hooguit een gedoogstatus betekend, maar door Mohamed is ook heel wat Joods bloed vergoten.
Dat is de reden dat meteen in 1948 de Arabische buren de verdeling afwezen en IsraŽl de oorlog verklaarden. Vanaf die tijd is IsraŽl keer op keer tot oorlog gedwongen. Die oorlogen hebben telkens gebiedsverlies voor de Palestijnen opgeleverd. Dat is iets anders dan dat IsraŽl zomaar tot ííbezettingíízou zijn overgegaan.
Het Palestijnse (islamitische) uitgangspunt is heel helder: IsraŽl moet vernietigd worden. Onderhandelingen en vredesverdragen zijn hoogstens van tijdelijke aard, zo leert Mohamed, maar het ultieme doel is dat de ongelovige Jood moet verdwijnen,want diens aanwezigheid is een aantasting van de eer van de Islam. Recent onderzoek heeft opnieuw aangetoond hoe ook het Palestijnse schoolsysteem, de media, de soaps en de preken in de moskee doordrenkt zijn van Jodenhaat. Historici hanteren een revisionistische interpretatie van de geschiedenis waarin elke historische claim van IsraŽls aanwezigheid in het land weggeschreven is. Evenzo komt IsraŽl niet voor op de huidige landkaarten. In een interview met een zoon van eťn van de Hamas kopstukken, vertelt hij dat hij ziek werd van de geweldscultuur en daarom Christen geworden is. Zijn oordeel over de situatie van binnenuit: ííHamas kan geen vrede sluiten met de IsraŽli's. Dat gaat in tegen wat hun God zegt.íí
Hoeveel kritiek men ook op IsraŽl kan hebben, de feiten daar laten een ander beeld zien:
1.De staat IsraŽl is geen gevolg van de Sjoa, maar van het eeuwenlange verlangen terug te keren naar het eigen land. Elk volk heeft recht op een eigen land en eigen bestuur. Een verlangen dat overigens wel versterkt is door het besef dat Joden nergens ter wereld veilig bleken te zijn.
2. IsraŽl heeft op elk verdelingsplan, al vanaf 1922, of het nu een groot of klein stuk toebedeeld kreeg, ja gezegd.
3. Ondanks de verschillende , soms ook militante, opvattingen binnen IsraŽl, heeft de meerderheid van alle regeringen over de jaren de politiek van ííland voor vredeíí gesteund. Ook de meerderheid van de invloedrijke rabbijnen ziet het opgeven van land en het erkennen van Palestijnse rechten als logische uitleg van de Talmoedische traditie.
IsraŽl heeft geen enkel belang bij dit conflict. Daarvoor zijn de gevolgen, politiek, economisch, sociaal te zwaar. De prijs van het leed te hoog.
De trieste situatie aan Palestijnse kant wordt veroorzaakt door de alomtegenwoordige indoctrinatie vanuit de Islam. Ook de christenen ontkomen daar niet aan. Bovendien zijn zij, als eťn van de onderdrukte minderheden, gebaat bij een opstelling die aan hun Islamitische broeders duidelijk maakt dat de Palestijnse zaak ook bij hen in goede handen is. Heel begrijpelijk, maar dat maakt hun analyse van de ellende niet per definitie waar.
Een tweede oorzaak is de stuitende corruptie van de politieke leiders, die met de miljoenendonaties van over de hele wereld de heilige oorlog gaande houden en hun eigen bankrekening spekken, in plaats van zich te bekommeren om de noden van hun eigen mensen.
Kortom de Palestijnen, christenen en moslims, ontberen politieke en religieuze leiders die zichzelf en het volk ervan overtuigen dat een Palestijnse staat alleen haalbaar is als men bereid is IsraŽl te erkennen als een volk dat evenveel recht heeft op bestaan in dat land. Als dat recht van bestaan meteen in 1948 erkend was, waren er geen oorlogen nodig geweest, geen veiligheidshekken, geen checkpoints en zouden de twee volken al vele jaren elkaars ontwikkeling positief beÔnvloed hebben.
Wat staat de PKN ons inziens te doen in antwoord op de Palestijnse noodkreet:
Praktische hulp leveren om de situatie van de Palestijnse bevolking waar mogelijk te verlichten.
De Palestijnse christenen ondersteunen in hun specifieke situatie als minderheid. Hen voorzien van onafhankelijke informatie die ter plekke ontkend en verzwegen wordt (gebeurde ook t.a.v. zwarte Zuid- afrikaanse predikanten). Hen bemoedigen om hun nood te klagen, maar dan wel aan het juiste adres: bij hun eigen leiders. En daar zit een probleem, want de Arabische, dus ook Palestijnse werkelijkheid kent geen democratische kanalen en minderheden kunnen zich weinig permitteren.
Dat is erg genoeg, maar de oplossing kan niet zijn dat dan de rekening maar eenzijdig bij IsraŽl neergelegd wordt en alle eigen verantwoordelijkheid wordt afgeschoven.
Wat de PKN aan IsraŽl verschuldigd is:
1. erkenning van de serieuze dreiging in hun bestaan als volk en staat. IsraŽl mag veel vrienden hebben,maar de fysieke aanwezigheid in het Midden Oosten beslaat een snippertje land in een oceaan van Arabische volken plus Iran die allen, openlijk of verholen, die staat weg willen hebben. Bloedige terreur, ruimschoots mogelijk gemaakt door Iran en altijd gericht tegen burgers, is vast onderdeel van dat streven. Zolang dit de situatie is, is het een gotspe om IsraŽl eenzijdig aan te spreken op naleving van VN resoluties en gevolgen van de muur.
2. de PKN hoort, ongeacht haar mening over wisselend IsraŽlisch kabinetsbeleid, pal te staan voor de veiligheid en legitimiteit van dit volk waarmee ze zegt verbonden te zijn. Daar mag geen enkel misverstand over bestaan. Twijfel daarover wordt echter voortdurend gezaaid door op kritieke momenten IsraŽl eenzijdig de les te lezen,waarmee de PKN te makkelijk terecht komt aan de kant van partijen die zich openlijk beijveren voor IsraŽls ondergang. Naleving van VN resoluties kan pas gevraagd worden als eerst het naakte bestaan van Israel door de ander erkend en gewaarborgd wordt.
Vergeet niet dat onze onopgeefbare verbondenheid eenzijdig afgekondigd is. Om vervolgens die zelfverklaarde verbondenheid als alibi te gebruiken om IsraŽl te pas en te onpas vermanend toe te spreken, is hoogst onwaarachtig.
De geschokte reactie vanuit Joodse hoek delen wij. Niet omdat wij voor de Groot Israel gedachte zouden zijn of tegen het recht van Palestijnen op een eigen staat. Die heilloze versimpeling brengt niemand verder.
Wij hopen dat u als moderamen van de PKN de uitgestoken hand van het CJO wilt aanvaarden en oor wilt hebben en houden voor feiten en achtergronden omtrent IsraŽls benarde positie. Wij hopen ook dat u tegenover de Palestijnse christenen een balans weet te vinden tussen honorering van hun noodkreet en broederlijke (zusterlijke) correctie. Daarbij hoort ook een veel kritischer verhouding tot Sabeel waarop al onze bovengenoemde bezwaren van toepassing zijn.
Met collegiale groet,
Platform AppŤl Kerk en IsraŽl:
Marja van den Beld
Peter van Commenee
Bart Gijsbertsen
Lenny van der Linden
Hans Vermeulen
.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 2


Reacties:

Als het om Israël gaat, dan raakt een deel van de christenen de weg kwijt. Wij zouden als christenen achter Israël moeten staan, vindt men.
Het waarom daarvan is niet in de Bijbel terug te vinden. Ik zou een theologische verhandeling kunnen geven, maar ik geef er de voorkeur aan het met de rede te doen. Zelf ben ik opgevoed met een stevige Israël visie waardoor ik voordat ik tot bekering kwam dit volk verdedigde in alles wat het deed.
Laat het duidelijk zijn dat ik die visie niet meer heb, omdat ik die niet in de Bijbel kan terugvinden. Jezus Christus is in de eerste plaats de Messias van de Joden. Hij kwam tot de zijnen maar de zijnen hebben hem niet aangenomen. Hij werd verworpen als hun Koning.
Zeker, sommigen probeerden Hem met geweld koning te maken omdat zij dachten God op dezelfde wijze zou werken als in het verleden, bijvoorbeeld ten tijde van koning David. Hij was immers Davids zoon?
Jezus wilde niet de Koning zijn over het natuurlijke volk Israël en Hij wilde zeker niet vechten tegen de Romeinen. Jezus erkende dat hij de Koning der Joden was, daarom liet Pontius Pilatus het geschrift op het kruis aanbrengen, maar Hij gaf ook aan dat zijn Koninkrijk niet van deze wereld was. Wel Koning der Joden, maar wel van een Koninkrijk Tegen het uitdrukkelijke gebod in hun wet, zeiden de Joden: ‘Wij hebben geen koning dan de keizer’ De Joden hadden liever een heidense vorst dan de Zoon van God als hun Koning. Uit het boek der Handelingen komt vast te staan hoe de Joden de christenen vervolgden. Paulus vergelijkt in zijn brief aan de Galaten de gelovige heidenen met het kind der belofte Izaak en de ongelovige Joden met de Slavin Hagar en haar kind, waarbij hij uitdrukkelijk vermeldt dat de kinderen der belofte worden vervolgd door hen die naar het vlees verwekt zijn (de ongelovige Joden). Het nieuwe verbond in het bloed van Jezus Christus is het verbond dat God aan Israël beloofde. Dat nieuwe verbond was nodig omdat het oude verbond door dit hardnekkige volk werd verbroken. De gemeente van Jezus Christus bestaat daarom uit bekeerde Joden waar bekeerde heidenen aan toegevoegd is. De val van Israël (het verbreken van het oude verbond, waardoor ze niet meer exclusie het volk van God was; het oude verbond was er immers uitsluitend voor Israël), bewerkte dat het heil nu (ook) naar de heidenen is gegaan.
Wie beweert dat er een vervangingstheologie is, heeft gelijk. Het oude verbond is vervangen door het nieuwe verbond. Paulus hield een collecte onder de heidenen ten behoeve van de arme gelovige Joden. Het was niet bestemd voor het natuurlijke volk Israël, maar voor de christenen onder de Joden. De apostel der heidenen is vaak belaagd door de Joden, ook de christenen onder de Israëlieten en onder de Palestijnen worden nog steeds vervolgd. Het meest verschrikkelijke is dat christenen hun eigen geloofsgenoten in Christus Jezus afvallen ten faveure van een ongelovig en tegensprekend volk.
Christenen moeten zich realiseren dat indien zij het afvallige Israël, dat noch de Zoon, noch de Vader heeft, door dik en dun verdedigen, ook de Heer Jezus tijdens zijn verblijf hier op aarde ook aangevallen zouden hebben, indien zij toen geleefd zouden hebben. Het houden van de sabbat (of de zondag), zouden ze hebben vastgehouden, alsmede Joodse feestdagen en nieuwe maan. Dingen die slechts een schaduw zijn van de werkelijkheid en die werkelijkheid is van Christus. Houd er rekening mee dat ook de Farizeeën en schriftgeleerden zeiden dat ze niet samengewerkt zouden hebben met hun voorouders die de profeten hadden gedood. Jezus is uitermate scherp naar deze lieden geweest.

Ik wileindigen met de volgende teksten uit Matteüs 23:29-39

29 Wee u, schriftgeleerden en Farizeeën, gij huichelaars, want gij bouwt de grafsteden der profeten en verfraait de gedenktekenen der rechtvaardigen, 30 en gij zegt: Indien wij geleefd hadden in de dagen onzer vaderen, zouden wij met hen geen gemene zaak gemaakt hebben ten opzichte van het bloed der profeten. 31 Gij getuigt dus van uzelf, dat gij zonen zijt van de moordenaars der profeten. 32 Maakt ook gij de maat uwer vaderen vol! 33 Slangen, adderengebroed, hoe zult gij ontkomen aan het oordeel der hel? 34 Daarom, zie, Ik zend tot u profeten en wijzen en schriftgeleerden. Van hen zult gij sommigen doden en kruisigen en van hen zult gij anderen geselen in uw synagogen en vervolgen van stad tot stad,
35 opdat over u kome al het rechtvaardige bloed, dat vergoten werd op de aarde, van het bloed van Abel, de rechtvaardige, tot het bloed van Zacharias, de zoon van Berekja, die gij vermoord hebt tussen het tempelhuis en het altaar. 36 Voorwaar, Ik zeg u: Al deze dingen zullen komen over dit geslacht. 37 Jeruzalem, Jeruzalem, dat de profeten doodt, en stenigt, wie tot u gezonden zijn, hoe dikwijls heb Ik uw kinderen willen vergaderen, gelijk een hen haar kuikens onder haar vleugels vergadert, en gij hebt niet gewild. 38 Zie, uw huis wordt aan u overgelaten. 39 Want Ik zeg u, gij zult Mij van nu aan niet meer zien, totdat gij zegt: Gezegend Hij, die komt in de naam des Heren! Zolang Israël niet de boodschappers van God herkent en erkent door te zeggen:
Gezegend Hij, die komt in de naam des Heren, zal er geen genezing en heil zijn.

Fred, Heiloo - donderdag, 29 april 2010


Tijdens mijn studieverblijf in Jeruzalem volg ik de politieke ontwikkelingen op de voet. Het Kairos-document dat de aanleiding is voor deze discussie is - gezien de situatie waarin het geschreven is - een evenwichtige en constructieve oproep van een groep die zich meestal niet laat horen: de Palestijnse christenen. Het Platform identificeert hen ten onrechte met islamieten die Israël willen vernietigen. Het Kairos-document neemt integendeel afstand van gewelddadig verzet en roept op tot realistische dialoog tussen Palestijnen en Israëli's. Niet de Palestijnse christenen bedreigen het voortbestaan van Israël, maar de islamitische èn de joodse maximalisten, die geen pluralistische coëxistentie accepteren en direct of indirect de één-staat-oplossing nastreven. Het Platform duwt de verklaring van de Palestijnse christenen in de hoek van de islamitische extremisten. Daarmee toont het geen enkel begrip voor de zeer moeilijke tussen-positie van deze geloofsgenoten. De opmerkingen over corruptie in het Palestijnse bestuur zijn zinloos in het licht van recente onthullingen over de corruptie in de hoogste Israëlische kringen. Tenslotte betekent de onverbrekelijke verbondenheid van christenen met het joodse volk dat zij onrecht begaan door de joodse staat niet naast zich neer kunnen leggen. Voor meer toelichting zie mijn weblog http://pjtomson.blogspot.com/.

prof. dr. Peter J. Tomson, Jeruzalem / Santpoort-Zuid - vrijdag, 23 april 2010


Geloof & Kerk
Familieberichten
Advertenties