|
Home Regio Geloof & Kerk Opinie Economie Sport Cultuur Dossiers — populisme en de kerk — De Nieuwe Bijbelvertaling Kerkdiensten
|
Jelle Reitsma duikelt oude boeken van de Gertrudiskerk in Achlum op uit kluis
Alle uitgaven, óók voor feestjes, te boek
Achlum - Twee goudguldens voor de schoonmaakster, wat geld om wierook te kopen en drie stuivers voor een kan bier ‘van doen ick den rekenboeck van den Deken haalde’.
Door Anja Mast.
De kerkvoogden van de Gertrudiskerk in Achlum schreven jaarlijks zo’n beetje alle uitgaven op in een groot rekenboek. ,,Eigenlijk zou je er een boek over vol kunnen schrijven, maar dat zul je zo wel zien”, waarschuwt de 65-jarige Jelle Reitsma alvast bij binnenkomst in de Gertrudiskerk in Achlum.
Hij doelt op de oude administratieboeken die opgestapeld in de kluis van de consistorie liggen. Van achter een luik in de muur en twee kluisdeurtjes - die met bouwjaar 1800 op zich ook al antiek zijn - haalt hij het oudste exemplaar tevoorschijn. Kerkeboek van den dorpe Achlum. 1564 tot 1719. Hernieuwd in 1817 staat op de kaft in krulletters te lezen. Vanaf 1564 hield het kerkbestuur om het jaar steeds zorgvuldig bij welke uitgaven werden gedaan en waarom. ,,Als de schoonmaakster betaald moest worden, werd dat opgeschreven. Was het altaar aan een nieuw verfje toe, dan moest dat in het boek en als er blijkbaar een bescheiden feestje was geweest, werd óók dat genoteerd.”
Reitsma slaat het boek open op tafel: ,,Kijk maar: ‘brandewijn met suijcker en koeck: 4 stuivers.” Tijdens de rekendag van 1578, waar dus alles vermoedelijk werd opgeteld en opgeschreven, ging er zelfs een ton bier doorheen, zo staat te lezen. Kosten: 4 caroliguldens en 7 stuivers. Ook Ulbe Draisma, de oprichter van wat nu verzekeringsmaatschappij Achmea is, wordt later in de boeken vermeld. ,,Van de erfenis die zijn broer Jan aan de Gertrudiskerk naliet, kon de kerk in 1854 een orgel kopen.”
Reitsma woont al bijna zeven jaar met echtgenote Alie in de pastorie in Achlum. Zijn vrouw kon er in 2003 dominee worden en sindsdien doet hij als vrijwilliger af en toe wat werk in en rond de kerk. Hij was in eerste instantie vooral nieuwsgierig naar de geschiedenis van de Achlumerkerk. ,,Er is sinds de bouw in 1050 nogal wat aan vertimmerd. Ik wilde weten hoe dat zo gekomen is.”
Beginnetje
Nu is er van meer kerken in Fryslân wel een uitgebreid archief bewaard gebleven. Veel van die documenten liggen opgeslagen in het depot van Tresoar. Het archief in Achlum lag er lange tijd maar vergeten bij, weet Reitsma. ,,Dit ligt hier al járen. Niemand heeft er ooit iets mee gedaan en volgens mij weet ook niemand hier in Achlum dat er tot zover terug een archief is aangelegd. Iemand heeft in de tijd van de typemachine al eens een klein beginnetje gemaakt om het uit te werken, maar verder niets. Dat is jammer.”
Met de kluissleutel in zijn bezit, besloot hij twee jaar geleden zelf maar eens in de archieven te duiken. Voor een leek een lastig klusje, want de handschriften zijn vaak moeilijk leesbaar en in het vroeg-Nederlands geschreven. ,,Ik was altijd geďnteresseerd in geschiedenis, maar dit ging me natuurlijk boven de pet. Ik kon het niet lezen.”
Hij schakelde daarom hulp in van een paar kenners, die de boeken in grote lijnen hebben doorgespit. Inmiddels raakt hij zelf ook bedreven in het ontcijferen van de handschriften. ,,Je blijft doorlezen en komt zo steeds meer dingen tegen over de geschiedenis van het dorp en het reilen en zeilen in de kerk. Zelfs nog van vóór de reformatie, toen de kerk nog rooms was.”
Kwijtschelding
Het opvallendst vindt hij de brief die namens de Achlumer koster en boer Tsjeard Jehannes in 1571 in het Latijn werd geschreven aan de bisschop van Leeuwarden. De boer was door de Allerheiligenvloed van 1570 zijn huis, paarden, schapen en koeien kwijtgeraakt. Hij kon de jaarlijkse huur daardoor niet meer betalen en vroeg bij de kerk, die het land aan de boer verhuurde, om kwijtschelding van zijn schuld.
,,Om misverstanden en roddels over de boer te voorkomen heeft het kerkbestuur besloten de kwestie officieel aan te pakken en een brief naar de bisschop te sturen. Niet iedereen kon natuurlijk zomaar om kwijtschelding vragen, er moest wel echt iets aan de hand zijn. Zo’n brief is echt waardevol. Het vertelt wat over de mensen die hier woonden.”
Het is de bedoeling dat het archief na verloop van tijd alsnog naar Tresoar gaat. Het liefst zou Reitsma alle informatie die hij uit de boeken opdook toegankelijk maken voor het publiek, en dan vooral de Achlumers zelf. ,,Ik hoop dat er een boek komt of zelfs een serie, maar dat laat ik over aan iemand die de kennis bezit en er de tijd voor heeft.”
Tijdens de rekendag van 1578, waar dus alles vermoedelijk werd opgeteld en opgeschreven, ging er zelfs een ton bier doorheen
Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0 Reacties:
|
Advertenties
|