De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zaterdag 24 februari

Cultuurmaandag, 4 januari 2010

Weens nieuwjaarsconcert door het NNO
Jack Frölich
De nieuwjaarsconcerten van het Noord Nederlands Orkest (NNO) zijn over het algemeen laagdrempelig en lichtvoetig van aard; een goed begin van het nieuwe jaar. Speelde het vorig jaar voornamelijk Engelse muziek, dit jaar keerde het orkest terug naar de roots, namelijk Wenen. In De Harmonie in Leeuwarden vond zaterdagavond het eerste concert in de reeks nieuwjaarsconcerten plaats.
Het NNO stond deze keer onder leiding van Kasper de Roo, een Nederlandse dirigent die zeer regelmatig verschillende bekende buitenlandse orkesten dirigeert. Als solist was de Poolse coloratuursopraan Katazyna Dondalska uitgenodigd, een zangeres met een prachtige, heldere stem vooral in de hoogte. Ook haar stemomvang is bewonderenswaardig.
Traditiegetrouw zette het orkest in met het Frysk Folksliet dat door het publiek enthousiast werd meegezongen. Vervolgens voerde het NNO de Ouverture Dichter und Bauer van Franz Von Suppé uit, een programmatisch werk waarin de tegenstellingen tussen een dichter en een boer in muziek worden uitgebeeld.
De aria Una voce poco fa uit Il Barbiere de Sevilla van Gioacchino Rossini maakte door de uitvoering van Katazyna Dondalska veel indruk. Haar mimiek en haar prachtige stem gaven deze aria, die mede door Maria Callas beroemd is geworden, iets extra’s mee.
Het programma van het nieuwjaarsconcert was afwisselend; geen lange en ingewikkelde composities, maar korte en lichtvoetige muziek. Instrumentale composities werden afgewisseld met vocale werken. Na Una voce volgde de Ouverture L’ Italiana in Algeri, eveneens van Rossini. Heel mooi werden de solo’s voor hobo en klarinet met begeleiding van een pizzicato spelend orkest uitgevoerd.
Van Giacomo Puccini zong Dondalska de aria O mio Babbino caro uit de opera Gianni Schicchi. Deze aria is ook buiten de opera zelf wereldberoemd geworden, een prachtige melodie met een melancholisch karakter. Het NNO gaf voor de pauze nog een voortreffelijke uitvoering van de Polowetser dansen van Alexsander Borodin.
Na de pauze werd de Ouverture Carmen van George Bizet uitgevoerd en hierna was het de beurt aan muziek van Johann Strauss met de aria Spiel ich die Unschuld vom Lande uit Die Fledermaus, de Kaiserwalzer, Schwips Lied, met veel humor uitgevoerd door Dondalska en als afsluiting natuurlijk het onvermijdelijke An der schönen blauen Donau.
Als toegift werden nog enkele composities van Strauss uitgevoerd. Katazyna Dondalska zong nog de aria Mein Herr Marquis van Johann Strauss en het NNO voerde onder andere de bekende Radetsky mars met een hevig en enthousiast meeklappend publiek uit.
Het was heel aardig om eens de slagwerkers in het vizier te hebben. Een paukenist die even van zijn stoel opstaat om een paar tonen op het klokkenspel te spelen en een slagwerkster die op professionele wijze de tamboerijn bespeelt. Gedreven muzikanten die steeds weer precies op tijd waren om hun partij uit te voeren.
i Noord Nederlands Orkest o.l.v. Kasper de Roo m.m.v. Katazyna Dondalska in De Harmonie in Leeuwarden, 808 bezoekers. Het concert is morgen nog te beluisteren in De Lawei in Drachten

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

cultuur
Familieberichten
Advertenties