De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
maandag 22 januari

Sportzaterdag, 25 april 2009

Tweede titel in hoofdklasse moet nu wél met een fitte ‘mister’ Harkemase Boys worden gepakt
Kooistra wil smetje op kampioenschap wegpoetsen
Ernst Slagter
Harkema - Het lijkt inmiddels niet meer de vraag óf, maar wanneer Harkemase Boys de titel in de hoofdklasse C pakt. In het gunstigste geval doet de koploper dat vandaag al bij WHC, een oude bekende. In 2003 kroonden de Friezen zich daar al ook al tot kampioen. Alwin Kooistra is de enige nog overgebleven speler uit dat succesteam, maar miste destijds de spannende ontknoping door een blessure. ,,Dat smetje wil ik dolgraag wegpoetsen.”
De 35-jarige verdediger liep twee wedstrijden voor het einde van het seizoen een enkelblessure op en miste daardoor onder meer de kampioenswedstrijd in Wezep. Hét hoogtepunt uit zijn loopbaan kan Kooistra het dan ook niet noemen. ,,Dat is nog altijd de promotiewedstrijd in de eerste klasse tegen ONS Sneek in 1997. Toen keerden we na achttien jaar terug in de hoofdklasse, terwijl alles er op wees dat ONS kampioen zou worden. Dat ik er zelf bij was; dat doet veel meer met je.”
Maar wat het succes in 2003 met het voetbalmaffe Harkema deed, dat is de bouwvakker uiteraard niet ontgaan. ,,We beslisten het pas op de laatste speeldag. De entourage die toen ontstond zal ik nooit meer vergeten. Iedereen leefde met ons mee. Bij de club nemen ze het me niet in dank af, maar ik heb altijd gezegd dat het kampioenschap in de laatste wedstrijd pakken het allermooiste scenario is. Maar dat risico gaan we niet nemen, hoor.”
Het gat met achtervolger HHC Hardenberg bedraagt met nog drie wedstrijden te gaan vijf punten. Als de Hardenbergers punten morsen bij hekkensluiter GRC Groningen en Harkemase Boys wint bij WHC, zou de titel dus vandaag al een feit kunnen zijn. ,,Maar ik geloof niet dat HHC punten gaat verliezen. Als wij het volgende week thuis tegen Staphorst beslissen, is dat ook mooier voor de mensen hier. Al zijn ze wel weer gek genoeg om met duizend man naar Wezep te gaan.”
Trainer Henk de Jong leek er gedurende het seizoen een sport van te maken om zovaak mogelijk te zeggen dat hij absoluut niet aan een titel dacht. Kooistra wist wel beter. ,,De trainer heeft de boot altijd een beetje afgehouden. Maar het kampioenschap was zeker na de winterstop een geliefd gespreksonderwerp in de kleedkamer. Als we zolang bovenaan staan, kún je simpelweg niet anders. Nu mag het niet meer misgaan, daar zijn we ons heel goed van bewust.”
Dat de geboren Harekiet al zijn hele leven, een periode in de jeugdopleiding van FC Groningen daargelaten, voor de Boys speelt schept al snel het beeld van een bewaker van de clubcultuur. ,,En jongens van buitenaf mogen mij alles vragen. Ik loop hier al mijn hele leven rond en wil ze graag verhalen vertellen over de club.” De aanvoerdersband zit echter om de arm van de vier jaar jongere Drewes Janssen, die pas voor het tweede seizoen het rode shirt draagt.
Geen probleem, vindt Kooistra. ,,Ik ben dan wel de oudste, maar Drewes is in het dagelijks leven vertegenwoordiger. Die heeft zijn praatje dus altijd wel klaar. En met mijn ervaring voeg ik ook zonder een aanvoerdersband wel wat toe aan dit team.” Het nakende kampioenschap is er eentje van het collectief, zegt -ie.
,,Dat hoor je natuurlijk vaak, maar wij hebben écht een heel hechte ploeg. Achterin is het degelijk, op het middenveld is Erdem Yeni de regisseur en voorin hebben we met iemand als Martijn Barto iemand die een wedstrijd kan beslissen. De balans is perfect. Het is soms een genot om met die jongens te spelen. Ik moest me af en toe inhouden om niet te applaudisseren bij een aanval.”
En dat terwijl Kooistra vier jaar geleden al bijna genoegen had genomen met een rol op het tweede plan. Toen het destijds hommeles was in Harkema over financiële zaken - ‘alles liep in de soep’ - besloot de robuuste verdediger net als tal van teamgenoten het eerste de rug toe te keren. De Jong en assistent-trainer Willem Weening vroegen hem bij hun aanstelling echter weer terug.
,,Ik hoopte meteen dat ze zouden bellen, want anders was mijn loopbaan wrang geëindigd. Gelukkig stond mijn vrouw erachter. Zij zag ook wel in dat het nú nog kan. Ik bekijk het per jaar, maar volgend seizoen ga ik zeker nog verder. Een vriend speelt in een lager elftal en daar ga ik wel eens kijken. Maar dan denk ik meteen: ‘dit wil ik niet’. Daar ben ik nog veel te fanatiek voor.”.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

sport
Familieberichten
Advertenties