De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.

donderdag 14 december

Analysedonderdag, 1 februari 2007

Soennitsche leiders vrezen sjiitsche revolutie
In het nieuwe M-Oosten heeft Bush meer vrienden
Niet langer is de Palestijnse kwestie de belangrijkste brandhaard in het Midden-Oosten. Dat is nu de sektarische rivaliteit - en soms openlijke strijd - tussen sjiieten en soennieten. Dat levert opmerkelijke allianties op. IsraŽl en Saoedi-ArabiŽ vinden in Iran een gemeenschappelijke vijand. De Verenigde Staten hebben meer Arabische bondgenoten dan ooit.
Iraakse sjiitische moslims in gebed. Foto: EPA
Analyse
NIEK VAN DER MOLEN
De oorlog in Irak heeft de smeulende vijandschap tussen de sjiieten en soennieten aan de oppervlakte gebracht. Leek het er een paar jaar geleden nog op dat de islam in oorlog was met het Westen, nu is duidelijk dat de islam in oorlog is met zichzelf. De aanleiding, niet de oorzaak, is de oorlog in Irak.
Na de val van Saddam Hussein in 2003 kwam de sjiitische meerderheid in Irak na verkiezingen aan de macht. De soennitische minderheid probeerde de macht terug te veroveren met geweld. De door talloze bloedige aanslagen geprovoceerde sjiieten slaan sinds de verwoesting in februari vorig jaar van hun heilige moskee in Samarra genadeloos terug. Doodseskaders, sjiitische milities en de door sjiieten beheerste veiligheidsdiensten oefenen een ware terreur uit met de bedoeling hun steden en wijken etnisch te zuiveren.
De sjiieten en soennieten in Irak zijn inmiddels verwikkeld in een niet te doorbreken wraakcyclus. En waren de Amerikanen in het begin de gehate bezetters die bloedig werden bestreden, nu zijn ze voor de Irakezen de enige garantie voor nog een beetje orde in de chaos. Zonder de Amerikanen zouden de soennieten hun leven niet zeker zijn. Gelijktijdig heeft de sjiitische regering van premier al-Maliki de Amerikanen nodig voor de opbouw van het leger en de wederopbouw van het land. De Amerikanen verkeren in de gerieflijke positie dat beide geloofsgroepen in hen een levensverzekering zien. De oproep om de Amerikaanse troepen uit Irak te halen mag dan luid klinken in de VS, in Irak wordt die nauwelijks meer vernomen.
De sektarische strijd in Irak heeft zich als een olievlek verspreid over het Midden-Oosten. De grote motor daarachter is het sjiitische Iran.
Grootmacht
Doordat de Amerikanen de Taliban in Afghanistan en het Saddam-regime in Irak omver hebben geworpen, is Iran verlost van de twee belangrijkste, regionale rivalen. Iran ziet sinds die tijd de mogelijkheid een grootmacht in het Midden-Oosten te worden. Het steunt daartoe (samen met SyriŽ) de sjiieten in Irak, probeert via de Hezbollah de Libanese regering omver te werpen en ondermijnt door Hamas de gematigde Palestijnse regering. Als Iran een atoombom weet te verwerven is het de belangrijkste militaire macht in het olierijke Golf-gebied en is het in staat de buurlanden zijn wil op te leggen. Het enige verzet in de regio komt van IsraŽl - dat zich in zijn bestaansrecht voelt bedreigd - en gematigde, soennitische landen als Saoedi-ArabiŽ, Egypte, de Golfstaten en JordaniŽ.
Van de moslims in het Midden-Oosten is slechts 10 procent sjiitisch. Maar ze zijn beter georganiseerd dan de soennieten en - nog belangrijker - in hun gebieden zit de meeste olie in de grond. En wie olie heeft, bezit economische en politieke macht. Zelfs in het soennitische Saoedi-ArabiŽ wordt de meeste olie opgepompt in het oostelijke gedeelte van het land waar de sjiitische minderheid woont. Saoedi-ArabiŽ vreest dat Iran de sjiitische minderheid opstookt.

Revolutie

De soennitische landen worden aardig zenuwachtig van het revolutionaire sjiitische elan en vrezen een sjiitische halve maan van de Perzische Golf via Irak en SyriŽ tot in Libanon aan de Middellandse Zee. Het uitgedaagde Saoedi-ArabiŽ probeert nu door extra olie op de markt te brengen de olieprijs laag te houden om het Iraanse regime economisch in de problemen te brengen. Verder zouden er achter de schermen gesprekken plaatsvinden met IsraŽl waarmee Saoedi-ArabiŽ dezelfde vijand deelt. Opmerkelijk was vorig jaar zomer al het begrip dat IsraŽl ten deel viel van de soennitische, Arabische landen toen het de sjiitische Hezbollah in Libanon bombardeerde.
Ook voor de Verenigde Staten is Iran de grote vijand. Waar Iran voet aan de grond probeert te krijgen, vindt het de VS tegenover zich. De VS hebben de banden aangehaald met het soennitische blok . In Libanon krijgt de soennitische regering actieve politieke en financiŽle steun van Washington om te voorkomen dat Hezbollah de regering-Siniora ten val brengt. Ook de Palestijnse regering van Fatah-leider Abbas kan rekenen op de VS in de machtsstrijd met Hamas.
Omdat de religieuze verschillen voor de VS er niet toe doen, onderhoudt het ook goede banden met het sjiitische Irak. Het was de oorspronkelijke bedoeling van Washington om met de inval in Irak het Midden-Oosten te democratiseren waardoor het op vreedzame wijze aansluiting zou kunnen vinden bij het moderne Westen. Dat project is mislukt. Maar onbedoeld heeft Amerika via het klassieke, imperiale verdeel-en-heers-principe hetzelfde bereikt. Het sjiitische Irak wordt met groot wantrouwen bekeken door de soennitische blok. Maar met beide onderhouden de VS vriendschappelijke betrekkingen.
Toen president Bush aantrad kon Amerika in de Midden-Oosten, behalve IsraŽl, alleen JordaniŽ en Egypte tot zijn bondgenoten rekenen - en alleen omdat die landen overleven dankzij Amerikaanse donorgelden. Irak en Iran waren aartsvijanden. Saoedi-ArabiŽ en de Golfstaten vonden dat ze Amerika niet nodig hadden.
De machtsbalans is inmiddels verschoven in het voordeel van de VS. Irak ligt nu binnen de invloedssfeer van de VS. De Palestijnse en Libanese regeringen leunen zwaar op de VS. En het anti-Amerikanisme mag hoogtij vieren onder de Arabische bevolkingen, de soennitische regeringen onder aanvoering van Saoedi-ArabiŽ weten dat ze de VS nodig hebben om de dreiging die van Iran uitgaat te weerstaan.
.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

analyse
Familieberichten
Advertenties