De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zondag 21 december

Dossiervrijdag, 6 mei 2005

Pas zestig jaar na de oorlog komen de details boven
Leeuwarden/Zutphen - ,,Dat vader een belangrijke man in het verzet was, ja, dat heb ik altijd wel geweten. Maar de details heb ik nu pas op een rijtje, zestig jaar na de bevrijding, 35 jaar na zijn dood. Het is zo’n aangrijpend verhaal, ik vind dat het niet vergeten mag worden.”
Henk Algra uit Zutphen is 73. Hij besteedde een groot deel van de afgelopen tien jaar aan het napluizen van de levenswandel van zijn vader Ale Algra (1902-1970), broer van Hendrik, de oud-hoofdredacteur van het Friesch Dagblad . Over de laatste zijn boeken vol geschreven. ,,Volkomen terecht”, vindt oomzegger en naamgenoot Henk, ,,maar ook zijn broer, mijn vader dus, heeft een grote rol gespeeld op allerlei terreinen. Dat is nooit zo bekend geworden, deels door zijn eigen bescheidenheid.’’
,,Zelfs in zijn eigen publicaties (Ale Algra schreef onder meer het hoofdstuk L.O. Friesland in Het grote Gebod , het gedenkboek van de landelijke onderduikorganisatie, red.) schreef vader over ‘iemand’, alsof hij niet wist wie precies iets gedaan had. Ik heb uit de boeken van Pieter Wijbenga ( Bezettingstijd in Friesland ) en Evert Werkman ( Ik neem het niet) moeten afleiden dat het op die momenten over Ale Algra zelf ging.”
Ale schreef tussen 1946 en 1952 geregeld verhalen voor het Friesch Dagblad vanuit Indië. Daarna schreef hij wekelijks over de geschiedenis van de Friese samenleving. De bundeling van die verhalen, verschenen in zes delen onder de titel De historie gaat door het eigen dorp, leverde Algra in 1960 de Dr Joost Halbertsmapriis op.
Ale Algra kwam in juni 1939 met vrouw en zes kinderen op verlof naar Nederland, na een jarenlang verblijf als onderwijzer in Nederlands Oost-Indië. Het gezin vestigde zich in de Wybrand de Geeststraat in Leeuwarden, vlak buiten de stadsgrachten.
Het uitbreken van de oorlog verhinderde een terugkeer naar Batavia. ,,Vader kwam op wachtgeld”, herinnert Henk Algra zich. ,,Later heeft hij oom Hendrik vervangen op de Gereformeerde Gymnasia in Leeuwarden en Kampen, toen die in gijzeling was genomen.”
De broers Algra waren al voor de bezetting tot de conclusie gekomen dat het nazidom bestreden moest worden. Voor Hendrik was het volkomen logisch dat hij ‘zijn’ Friesch Dagblad nooit zou lenen voor nazi-propaganda. ,,Vader steunde hem daarin”, zegt Henk. ,,Toen het Friesch Dagblad stopte met verschijnen is hij in het diepste geheim een inzameling begonnen voor het ontslagen personeel. Hij is langs allerlei verzetsgroepen geweest om geld op te halen voor deze mensen.”
Maar Algra deed meer. Onder de namen (A-kwadraat, een verwijzing naar zijn initialen) en Moethoen (Fries voor zeelt, de vis die onder in de put zwemt en het water zuiver houdt), hield hij zich onder meer bezig met het doorspelen van geheime boodschappen, met het op hun schuilplaats brengen van onderduikers en het terugloodsen van neergestorte piloten naar Engeland.
,,Ik herinner me dat vader een keer op een donkere winterdag door sneeuw en ijs van Zwaagwesteinde naar Engwierum en Ee gegaan is, over de Dokkumer Ee en de Zwemmer, om een boodschap over te brengen. Vijftien kilometer, waarvan hij maar een klein deel op schaatsen kon doen. We zaten thuis in spanning af te wachten wanneer hij zou terugkomen. Dat werd midden in de nacht.”
In 1942 hielp A² samen met architect Douwe Witteveen bij de ‘doorstart’ van het landelijk onderduikersnetwerk in Fryslân. ,,De Friese afdeling van de L.O., opgezet door mevrouw Kuipers-Rietberg en dominee Slomp, ook wel Frits de Zwerver genoemd, dreigde niet door te gaan omdat een van de zeven mannen die ‘de kar wilde trekken’ opgepakt werd. Deze predikant, Wijmenga, had op zondagochtend voor de koningin gebeden, en was verlinkt.”
Algra was ook een van de drie opstellers van het manifest waarmee het verzet in 1943 de Friese arbeiders wilde mobiliseren om te gaan staken. Dat gebeurde nadat de Duitsers, drie jaar na de capitulatie, alsnog besloten hadden de Nederlandse soldaten krijgsgevangen te nemen. Deze staking werd op 5 mei 1943 beëindigd, nadat de bezetter via een speciaal ingesteld Politiestandrecht iedereen kon doodschieten die niet aan het werk ging.
,,Er werd bij ons thuis vaak vergaderd door het verzet”, herinnert Henk Algra zich. ,,Als er dan iemand aan de deur kwam, moesten wij zeggen dat er kerkenraad was.”
Al waren ze nog jong, Henk, zijn oudere broers Arend en Jan en zijn oudere zus Frieda zaten door toedoen van hun vader al snel tot over hun oren in het illegale werk. ,,Frieda moest geregeld met briefjes in haar schoenen naar een contactpersoon in Wolvega. Ik luisterde met twaalf, dertien jaar iedere avond naar Radio Oranje, en schreef de boodschappen op die de verzetsgroep van vader nodig had. Na de oorlog zeiden wij onderling: ‘Dat papa dat van ons vroeg!’, maar toen deden we dat gewoon. We stonden er niet eens bij stil dat het gevaarlijk zou kunnen zijn. We waren echt nooit bang, terwijl er toch behoorlijk spannende dingen gebeurden.”
Zo was er het moment waarop de jonge Algra samen met zijn vader een wandeling maakte langs de rivier de Potmarge. A² zag in de verte een groep Duitsers die papieren aan het controleren waren: als jonge man zou hij zeker zijn opgepakt voor de arbeidsdienst in Duitsland. ,,Gelukkig liep vader met een stok, en had hij al jong witgrijs haar. Hij siste ‘niks zeggen’ tegen mij, ging krom lopen als een gebogen man en stiefelde zo de controlerende Duitsers voorbij. Opa en kleinzoon, niet nodig die te controleren.”
Henk heeft na de oorlog nooit ook maar een woord met zijn vader gewisseld over wat er tijdens de bezettingstijd allemaal was gebeurd. ,,Mijn ouders gingen terug naar Indië, ik bleef in Leeuwarden om mijn school af te maken. Later zijn ze weliswaar teruggekomen, maar toen woonde ik al als onderwijzer in Zutphen, was ik druk met m’n carrière. Bovendien is vader in 1970 vrij jong gestorven. Ik denk dat als wij beiden wat meer rust hadden gehad, er best goede gesprekken mogelijk waren geweest. Helaas is het er gewoon niet van gekomen.”
Met een beroep op de documentatie van het Friese verzet, aangevuld met zijn eigen herinneringen, denkt Algra nu een belangrijk deel van het leven van zijn vader in kaart gebracht te hebben.
,,Vooral voor mijn eigen kinderen en die van mijn broers en zussen wil ik de herinnering aan Ale Algra levend houden. Zij hebben wel een hoop gehoord over hun pake Ale, maar nooit een echt overzicht gekregen.” Ooit wil Algra de levensgeschiedenis ook echt uitgeven in boekvorm, ,,maar dan nog uitgebreid met zijn levensloop van voor en na de oorlog, en met de herinneringen van Frieda, die onlangs is overleden. Daar zal ik echter nog wel een tijd mee bezig zijn.”

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 1


Reacties:

Ik was op zoek naar gedichten van Fedde Schurer. Al surfend en diepend
>in mijn geheugen kwam ik de Algera's tegen: Hendrik en Ale. Ooit les
>gehad van de laatste. Een gewone, ongewone leraar Staatsinrichting op
>het Bogerman College in Sneek. Ongewoon omdat ik wist dat hij de broer
>was van de hoofdredacteur van het Friesch Dagblad. Scherpe, snedige
>schrijver van hoofdartikelen. Strijder tegen verval en Gerard Reve.
>Maar ook niet mals voor heer A. Vondeling die kennelijk toen naar zijn
>mening te veel de trom roerde bij het pas opgerichte Cambuur. ( ik
>sluit niet uit dat mijn herinnering mij op dit punt in de steek laat)
>
>Ale Algera had mooie anekdotes bij de staatsinrichting.Kon smakelijk vertellen en wist te boeien hoewel niet iedereen dit vak bekoorde. We kregen les uit een dun blauw door hem samengesteld boekje dat ik later geregeld heb geraadpleegd toen ik het af en nodig had voor het politieke handwerk. Niet dat er geen andere boeken ter zake in de boekenkast stonden maar omdat het dun,goed en makkelijk toegankelijk was.
Hij was ook ongewoon doordat hij een van de weinige leraren was die
zelf een boeken oeuvre op zijn naam had. Dat dwong respect af. Leuk
dit soort herinneringen weer op te halen over mensen waar je respect
voor had en hebt

popke wagenaar, Bilthoven - maandag, 6 december 2010


dossier
Familieberichten
Advertenties