De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
zondag 19 november

Cultuurwoensdag, 25 augustus 2004

Concert Kroonenburg komt laat ‘op toeren’
WIM SLAGTER
Een publieksspeler, zegt Van Dale, ,,is een speler die pas goed op dreef komt als er veel publiek is’’. De hoeveelheid toehoorders mocht er dinsdagavond in de Bolswarder Martinikerk beslist zijn, maar toch zal het orgelconcert van Jaap Kroonenburg vermoedelijk niet iedereen hebben kunnen overtuigen.
De eerlijkheid gebiedt evenwel direct te zeggen dat Kroonenburg eerder tot een andere categorie publieksspelers behoort. Hij is een organist, naar wie het grote publiek graag komt luisteren, omdat het weet wat het van de organist van de Groote Kerk te Maassluis doorgaans mag verwachten. Wat dan? Stukken uit het onverwoestbare Franse romantische orgelrepertoire, een snufje Duitse barok en een enkele bewerking over een psalm of gezang, meestal uit de pen van Feike Asma, Kroonenburgs voorganger in Maassluis.
Dat was feitelijk in Bolsward niet anders. Na de Fantasie over ‘Wie maar de goede God laat zorgen’ van Asma - met een niet onaardig inleidend thema, maar met daarnaast nogal wat plichtmatige gedeelten - sloeg Kroonenburg al snel de richting in van de populair klassieke orgelliteratuur. Verrassend helder klonk daarbij het Trio in F gr.t. van Bachleerling Krebs, maar weer te dik en massief aangezet was, van dezelfde componist, de Toccata in a kl.t.
Uitgerekend de romantische werken, waarvan Kroonenburg toch als pleitbezorger geldt, konden zich niet van een zekere matheid ontdoen. Het gold niet alleen voor Lamentation van Guilmant, dat op hetzelfde orgel wel eens veel doorleefder heeft geklonken, maar te zeer in de buurt van zijn letterlijke betekenis (klaagzang) bleef hangen, het betrof evenzeer de op Frans-romantische leest geschoeide Aria in g kl.t. (uit Intermezzi ) van de grote Haarlemse organist Hendrik Andriessen en in iets mindere mate de Elévation van Boëllmann die gelukkig nog de sfeer van haar plaats in de H. Mis - het verheffen van het gewijde brood en de wijn vóór de eucharistie - benaderde. Ook Mendelssohns Andante mit Variationen leek niet meer dan een routineklus.
Echt loskomen deden organist en zijn publiek pas bij de Acclamations ‘Christus vincit’ uit de Suite Médiévale (1947) van de blinde Franse organist- componist Jean Langlais (1907-1991). De vitaliteit, waarop zo lang was gewacht, demonstreerde Kroonenburg hier op overtuigende wijze en gelukkig kon hij die lijn vasthouden tot en met het slotstuk, de Fuge con Corale ‘Jesu, meine Freude’ uit het gelijknamige Synphonischer Choral van Sigfrid Karg-Elert (1877-1933). Met fraaie registratiewisselingen realiseerde Jaap Kroonenburg een overtuigende spanningsopbouw en demonstreerde daarbij tegelijkertijd de vele mogelijkheden van het Martini-orgel.
Eén verzachtend feit kon de concertgever aanvoeren voor het relatief laat ‘op toeren’ komen van het concert. Door omstandigheden moest op het laatste moment de oorspronkelijke programmaopzet worden gewijzigd. Daardoor ‘sneuvelde’ onder meer de Sonate ‘Der 94. Psalm’ van de jonggestorven negentiende-eeuwse Duitse componist Julius Reubke. Een interessante constatering zou zijn geweest, hoe Kroonenburgs gehoor op dit niet altijd even toegankelijke werk van hun publieksspeler (tweede betekenis, zie hierboven!) zou hebben gereageerd.
Orgelconcert Jaap Kroonenburg
Plaats: Martinikerk Bolsward
Belangstelling: 160 bezoekers

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

cultuur
Familieberichten
Advertenties