De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
vrijdag 19 januari

Economiedinsdag, 25 mei 2004

Beperkingen werken averechts
SER pleit voor snel herstel vrij arbeidsverkeer

Den Haag - Inwoners van de tien nieuwe EU-lidstaten moeten al voor 2007 vrij kunnen werken in de rest van de unie. Bijna alle oude EU-landen hebben hier tijdelijk paal en perk aan gesteld. Een lange overgangstermijn schaadt niet alleen de integratie van de tien landen, maar is ook slecht voor de economische groei.

Dat stelt de Commissie Sociaal-Economische deskundigen van de Sociaal-Economische Raad (SER) in het gisteren verschenen rapport ’Met Europa meer groei’. Daarin staan de resultaten van een onderzoek naar mogelijkheden voor een hogere economische groei binnen de EU.
De lidstaten zouden zich gezamenlijk moeten vastleggen op een tijdstip waarop het vrije werknemersverkeer ook voor de nieuwe leden geldt, aldus de commissie.
Voor een klein land als Nederland is een goed functionerende EU belangrijk, aldus de deskundigen. Een gedegen EU-beleid is onmisbaar voor een hogere economische groei. En die is hard nodig om de Europese verzorgingsstaten in stand te houden.
De toenemende twijfel in de publieke opinie over de meerwaarde van Europees beleid baart de commissie dan ook zorgen. Die meerwaarde zit vooral in een goede werking van de interne markt en de creatie van een ,,Europese kennisruimte’’, een interne markt voor kennis. Want voor de toekomstige economische groei zijn vooral kennis en innovatie van belang. De commissie pleit in dat kader voor het stimuleren van uitwisseling van studenten. De EU moet op haar begroting meer geld vrijmaken voor de Europese kennismarkt.
De SER-commissie heeft ook onderzocht hoe verschillen in sociale uitkeringen en de vennootschapsbelasting (winstbelasting voor bedrijven) tussen landen de economische groei beďnvloeden.
De commissie verwacht niet dat het verschil in sociale voorzieningen tussen de landen zal leiden tot ‘social dumping’, ofwel een verplaatsing van uitkeringsgerechtigden naar landen met de hoogste uitkeringen. Omgekeerd spelen lage uitkeringen, en dus lagere kosten, geen rol voor bedrijven bij de keuzen van hun vestigingsplaats.
Verder pleit de commissie voor het afstemmen van de hoogte van de vennootschapsbelasting (winstbelasting voor bedrijven) tussen de landen. Deze afstemming zou volgens de commissie het beste kunnen bestaan uit een gelijke grondslag en een minimumtarief.
Aanleiding voor het rapport is bezorgdheid van de SER-commissie over de lage economische groei. ,,Die zorg wordt nog vergroot door de groeiende twijfel in de publieke opinie over de meerwaarde van Europees beleid en over het Nederlands belang bij Europa’’, aldus de onderzoekers.

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

economie
Familieberichten
Advertenties