De website frieschdagblad.nl maakt gebruik van cookies.
maandag 23 april

Regiodonderdag, 15 april 2004

Margreeth de Boer neemt afscheid als burgemeester van Leeuwarden
‘Ik heb het in Leeuwarden niet zo moeilijk gehad’

Ze kwam voor een paar maanden, en bleef uiteindelijk tweeëneenhalf jaar: Margreeth de Boer. Morgen neemt ze afscheid als burgemeester van Leeuwarden. Ze werd door velen geprezen om haar daadkrachtige optreden en de rust die ze bracht in bestuurlijk Leeuwarden. Ze werd niet moe te hameren op de positieve kanten van de Friese hoofdstad. Zelf blijft ze bescheiden over haar prestaties. ,,Ik heb het niet zo moeilijk gehad.’’

Ines Jonker & | Pieter Anko de Vries
Op de dag van het vraaggesprek is het nog 48 uur tot haar pensioen. Maar waar andere mensen langzaam afbouwen, nog even wat opruimen, hier en daar wat mensen gedag zeggen, is de agenda van Margreeth de Boer tot op het allerlaatste moment gevuld. Ze geeft haar 36ste interview, heeft drie kwartier tot de volgende afspraak en ze oogt nog even energiek als altijd.
Margreeth de Boer (1939) werd in november 2001 met open armen ontvangen in Leeuwarden. Velen haalden opgelucht adem toen commissaris der Koningin Nijpels bekendmaakte de voormalige PvdA-minister van VROM te hebben ‘gecharterd’ als tussenpaus voor Leeuwarden, nadat haar voorgangster Loekie van Maaren wegens een conflict met het college en de raad het veld had geruimd. De Boer moest de gemoederen weer wat tot bedaren brengen in de stad die al weken werd getekend door het bestuursconflict. Aanvankelijk zou ze maar een paar maanden eerste burger zijn, maar uiteindelijk bleef ze tot aan haar 65ste verjaardag.
De scheidend eerste burger zegt niet het idee te hebben gehad dat ze moest puin ruimen toen ze in Leeuwarden kwam. ,,Er was hier een groot probleem. Dat had te maken met intermenselijke verhoudingen. Een van de partijen is vertrokken. Toen ben ik gekomen. Dan heb je het per definitie makkelijker dan je voorganger. Je hoeft dan niet zo erg veel meer te doen om het conflict op te lossen. Het probleem is opgelost als een van de partijen weggaat. Ik kon dus beginnen met opbouwen en hoefde niet af te breken. Dat is toch een prettige startsituatie. En iedereen was heel blij dat ik kwam. Wat wil je nog meer? Dus ik heb het niet zo moeilijk gehad.’’
De Boer heeft nooit veel willen zeggen over haar voorgangster en doet dat nu nog niet. ,,Ik doe geen uitspraken over het conflict dat ze hier hebben gehad. Dat kan ook niet want ik ben daar niet bij betrokken geweest. Op het ogenblik dat je in zo’n organisatie komt, is het aan jou om de zaak op te bouwen en dat heb ik met volle inzet gedaan. Iedereen wílde dat ook. Iedereen wilde af van de narigheid die ze hadden gehad. Dat is geen waardeoordeel over mijn voorgangster, maar zo werkt dat.’’
De Boer zegt haar energie vooral te hebben gestoken in het goed laten lopen van processen, zoals interne communicatie. De grote reorganisatie die eraan zat te komen toen De Boer aantrad, werd afgeblazen. ,,Daar was in de organisatie veel weerstand tegen. Men was reorganisatie-moe. We hebben toen besloten om onze energie te investeren in het goed laten verlopen van processen.’’ Verschillende functies van de gemeente werden kritisch tegen het licht gehouden, zoals de juridische, financiële en archieffunctie. Risico’s werden in beeld gebracht en het ambtelijk apparaat onderging een zelfanalyse, met behulp van twee externe bureaus.
,,We waren vooral aan het bouwen, bezig met de kwaliteit van de processen. Dat was heel simpel maar ook heel nodig.’’
Volgens De Boer is de sfeer binnen het ambtelijk apparaat erg verbeterd sinds de zelfanalyse. Wat haar wel zorgen baart, is het feit dat ambtenaren in Leeuwarden zo lang op hun plek blijven zitten. ,,Dan is het lastig om het elan erin te houden. Ik ben er een groot voorstander van dat mensen van tijd tot tijd van werkgever wisselen. Maar voor veel ambtenaren is dat lastig. Om toch het elan erin te houden, moet je mensen de kans geven om cursussen en symposia te volgen, het liefst in andere delen van het land, zodat ze weten wat er elders speelt.’’
Ook wethouders zouden in de ogen van De Boer wat meer ‘naar buiten’ moeten. ,,Voor bestuurders is het uitermate belangrijk dat zij zich meten aan de prestaties van andere bestuurders en geregeld kijken hoe het in andere steden is. In het hele Noorden zijn we geneigd te veel naar binnen te kijken. Dat heeft natuurlijk ook met onze positie te maken. Maar het is heel belangrijk om andere steden te bezoeken en te kijken hoe daar problemen worden opgelost. Ik ben blij dat het Leeuwarder college daar het laatste anderhalf jaar een strategie van gemaakt heeft, andere steden te bezoeken.’’
Als ze langer was gebleven, had De Boer graag wat meer aandacht willen besteden aan de ‘nieuwe Leeuwarders’. ,,Ik ben er mee begonnen om allochtonen die het Nederlanderschap hebben gekregen hier uit te nodigen, om er een feestelijke bijeenkomst van te maken. Dat heb ik drie keer gedaan. Achteraf gezien had ik dat eerder moeten doen. Ik vind dat er geďnvesteerd moet worden in nieuwe Nederlanders.’’
De Boer maakt zich zorgen over de integratie van Antilliaanse jongeren in de Friese hoofdstad. ,,We hebben hier in Leeuwarden een groep Antilliaanse jongeren die hier zijn aangespoeld vanuit de Antillen, die een problematische achtergrond hebben, de aansluiting niet weten te vinden, ongelukkig zijn, geen werk hebben en het verkeerde pad op dreigen te gaan.’’
Om te voorkomen dat de jongeren ontsporen, heeft De Boer de aanzet gegeven tot een discussie met de Antilliaanse jongeren over wat de beste aanpak is, wat hun behoeftes zijn. ,,Ze willen graag een eigen plek waar ze hun hobby’s kunnen uitoefenen; muziek en aan auto’s sleutelen. De gemeente moet daarvoor geld vrij maken. Wethouder Hafkamp is momenteel bezig met een plan van aanpak waar de jongeren ook zelf bij betrokken worden.’’

Islam

Belangstelling hebben voor elkaar is volgens De Boer een eerste vereiste voor integratie. ,,We moeten weten wat er leeft onder nieuwe Nederlanders, de gemeenschap kennen. Dat betekent niet dat je niet kritisch over de islam mag spreken. Ik pleit voor een houding van betrokkenheid en tegelijkertijd van kritiek. Je kunt pas kritisch zijn op het ogenblik dat je betrokken bent.’’
Volgens de PvdA-prominente is het vreemd dat bestuurders en politici wel contacten onderhouden met vertegenwoordigers van de christelijke kerken in Nederland en nauwelijks met die van de islam. ,,Ik zeg niet dat je alles moet ondersteunen van de islam, maar wel dat we er contacten mee moeten leggen. De islam vormt een onderdeel van de maatschappij, daar kunnen we niet omheen.’’
Wat volgens De Boer ook een belangrijke rol speelt bij integratie, is het recht van moslims om eigen scholen te stichten. ,,Ik hoop dat we vanuit de gedachte dat wij altijd behoefte hebben gehad aan onze eigen scholen, erkennen dat andere groepen dat ook hebben. Daarmee doe je nog geen uitspraak over de waarde van de islam, maar je accepteert dat mensen behoefte hebben aan een geestelijk houvast. Er is op basis vanartikel 23 van de Grondwet geen enkele legitimatie om te zeggen dat er geen islamitisch onderwijs mag zijn.’’
De Boer was in 2002 één van de schrijvers van het rapport De Kaasstolp aan diggelen , waarin de verkiezingsnederlaag van de PvdA werd geanalyseerd. De scherpe analyse leidde tot geprikkelde reacties, met name binnen het partijbestuur. Volgens De Boer is de PvdA inmiddels op de goede weg, al kan er nog een hoop verbeteren. ,,Het gaat absoluut beter. Men heeft een dreun gekregen en is nu heel hard bezig met een nieuwe lijn. Het integratierapport is net afgescheiden en nu is de PvdA bezig met een rapport over het openbaar bestuur.’’
Eén van de dingen waar ze zich na haar pensioen mee bezig zal houden, is de discussie over het nieuwe beginselprogramma van de PvdA. Wat daar volgens haar in moet staan, wil ze nog niet zeggen. Wel zegt ze ervoor te zullen waken dat het bestaansrecht van de PvdA niet uit het oog verloren wordt. ,,We moeten altijd oog blijven houden voor de belangen van mensen die niet in het centrum van de macht zitten. Hun belangen mogen niet geschaad worden.’’
Als het gaat om deze solidariteit - een beetje een afgekloven woord, maar nog steeds een belangrijk begrip volgens De Boer - zitten het CDA en de PvdA niet ver van elkaar. ,,We worden in bepaalde opzichten gehinderd door ons verleden. Er is nog steeds argwaan jegens elkaar. Maar er zitten natuurlijk groeperingen binnen het CDA die heel dicht tegen de PvdA aan zitten.’’
,,En als er binnen het CDA wordt gesproken over het schild van de zwakken is dat niet zoveel anders dan de solidariteit van de Partij van de Arbeid.’’
De Boer heeft de dagen naar haar pensioengerechtigde leeftijd niet afgeteld, maar nu het zover is, heeft ze er best zin in. De zee aan vrije tijd zal worden gevuld met denken, lezen, wandelen, de kleinkinderen en een flink aantal bestuursfuncties. Bang om in een gat te vallen na 49 jaar hard werken is ze niet. ,,Nee hoor, ik moet juist uitkijken dat ik niet weer net zo hard ga werken als nu’’, lacht ze.
De twee en half jaar in Leeuwarden zijn haar zo goed bevallen, dat zij en haar partner erover denken om in de toekomst hun boerderijtje in Drenthe te verruilen voor een huis in Leeuwarden. ,,We wonen nu in een klein dorp en moeten straks misschien verhuizen naar een stad met meer voorzieningen en dat is Leeuwarden. Als we gaan verhuizen, gaan we naar Leeuwarden.’’

Vertel een vriend | Reageer op dit artikel | Aantal reacties 0


Reacties:

regio
Familieberichten
Advertenties